Gewetensbezwaarden

INHOUD 1. Een brochure 2. Over eerherstel van dienstweigeraars t.t.v. de dekolonisatieoorlog in Indonesiƫ (14 juni 2013) 3. Werkgroep Gewetensbezwaarden Militaire Dienst (Vredesspiraal 2022 nr.2) Lees verder

 

 

 

1. Over dienstplicht/-weigeren, lees deze brochure.

 

2. Over EERHERSTEL van Indiëweigeraars

Op 14 juni j.l. (2023) kwam in de 2e kamer een motie in stemming die pleitte voor eerherstel van de dienstweigeraars t.t.v. de dekolonisatieoorlog in Indonesië. Deze motie werd helaas verworpen.
Aan ons lid Hans Dijkman (die de zaak van het dienstweigeren namens Kerk en Vrede behartigt) vroegen wij om een reactie.

Hans reageerde als volgt:

Graag wil ik reageren op je verzoek om een mening te geven over de uitslag van de stemming in de 2e kamer over de Indië-weigeraars, en over het hele debat.


In eerste instantie ben ik teleurgesteld en boos dat de motie van Futselaar(SP) en Piri(PvdA of Groenlinks) is verworpen. In deze motie werd gevraagd om collectief eerherstel voor degenen die indertijd geweigerd hebben om deel te nemen aan de oorlog in Indonesië.

Het is vreemd dat de kamer in meerderheid van mening is dat we in deze oorlog aan de verkeerde kant van de geschiedenis hebben gestaan, en desondanks degenen die er niet aan mee wilden doen, en daarvoor zwaar gestraft zijn, niet wil rehabiliteren. Daarbij speelt dat degenen die wel gegaan zijn, de Indië-veteranen, zich door zo’n eerherstel veroordeeld voelen. En dat moet dan voorkomen worden.

Dat is een oneigenlijk argument. Wie het gewone doet – en dat was het naar Indië gaan indertijd – wordt niet veroordeeld door anderen wanneer die iets bijzonders doen. Als mijn buurman een lintje krijgt wegens bijzondere verdiensten voor de samenleving betekent dat geen veroordeling van mij omdat ik geen onderscheiding krijg. Maar het wordt door militairen permanent zo uitgelegd.


Hier speelt een verzwegen en daardoor onverwerkt verleden een rol. Met regelmaat wordt ons van alle kanten voorgehouden dat we de lessen uit de laatste oorlog niet moeten vergeten. En met die laatste oorlog wordt dan de 2e wereldoorlog bedoeld. Maar de laatste oorlog is niet de 2e wereldoorlog, maar de oorlog die we in Indonesië hebben gevoerd. En die oorlog is stelselmatig verzwegen en vergeten. Op een enkele uitzondering na kennen we uit deze oorlog geen plaatsen, geen namen, geen verhalen, geen gebeurtenissen. Dat is het grote “voordeel” dat je hebt wanneer je een oorlog op grote afstand voert. En in een arm land, waar het overgrote deel van de bevolking het te druk heeft met het dagelijks bestaan om veel met het verleden bezig te zijn.

We erkennen nu toch dat we een verkeerde oorlog hebben gevoerd lees ik, en dat wordt dan gezegd met verwijzing naar onze oprechtheid en eerlijkheid. Jawel, maar dan wel 75 jaar later. Zullen we de Russen ook roemen om hun integriteit wanneer een Russische regering in 2097 toegeeft dat de inval in 2022 in Oekraïne niet terecht was?

Toch is niet alles negatief uit het Kamerdebat tevoorschijn gekomen vind ik. De motie van het kamerlid Sjoerdsma van D66 dat de regering actief moet aangeven, - op de plaatsen waar het gebeurd is - dat mensen die slachtoffer zijn geworden van marteling en verkrachting een beroep kunnen doen op de Nederlandse overheid voor een vorm van compensatie, is aangenomen.

Daarmee geeft de Kamer dus impliciet toe dat er in Indonesië gemarteld en verkracht is. De mensen die dat meegemaakt hebben leven niet meer mogen we aannemen. Dus in die zin heeft de motie weinig of geen betekenis.

Tegelijk is onze 2e Kamer wel van mening dat martelen en verkrachten geen oorlogsmisdaad is. Dat wil zeggen: wanneer dat door Nederlandse militairen is gebeurd. Dan is er alleen sprake van “excessief geweld”.

Remy Limpach heeft over deze oorlog een indrukwekkend boek geschreven: De brandende kampongs van generaal Spoor. Met kleine letters gedrukt bevat het 780 pagina’s. Een hele worsteling om er doorheen te komen.

Enkele citaten uit dit boek.

Te beginnen bij een Indië-veteraan:

“Het aantal gevangenen, dat na eindeloze martelingen(…) zonder enige vorm van proces werd afgemaakt, is legio”.

Een oud-legerpredikant hoort verhalen en noteert vormen van extreem geweld:

“Elektrocutie en bijna laten verdrinken(…) om tot bekentenissen te dwingen. b. brandende cigaretten duwen in de neus van gevangenen c. Kampong uitbranden met neerschieten van vrouwen en kinderen na moord op officier van de 7 Dec. divisie d. Gidsen, die naar de mening van de patrouilleleider de verkeerde weg insloegen, neerschieten. (……….) l. KST (korps speciale troepen o.l.v. Westerling) reed met tanks door kampongs tot niemand meer leefde.”

Het boek bevat zeer veel van dergelijke verhalen. En wat lezen we daarover in de Nederlandse media?

Bij het Kamerdebat werd gezegd dat ook van de andere, Indonesische, kant oorlogsmisdaden zijn gepleegd. Dat klopt. De vraag is dan wel of die de oorlogsmisdaden van onze kant verklaarbaar en acceptabel maken.

Op de Veluwe werd een aanslag gepleegd, en naar aanleiding daarvan ontstond het bekende oorlogsverhaal over Putten. Heeft die aanslag het gedrag van de Duitsers acceptabel gemaakt?

De vergelijking tussen het optreden van de Duitsers in Nederland en het handelen van de Nederlanders in Indonesië wordt ook door Indië-veteranen gemaakt.

En om die lijn nog door te trekken: er zijn opvallende overeenkomsten tussen de inval van de Russen in Oekraïne en het Nederlandse militaire optreden in Indonesië.

In beide gevallen ging en gaat het om “historische” rechtvaardiging. Indonesië was “nu eenmaal” Nederlands gebied. En heet het geen oorlog, maar “politionele actie” of “beperkte militaire actie”. De anderen zijn de “terroristen” of “fascisten”.

En is het een eer om te sneuvelen voor het vaderland. En zijn degenen die er niet aan mee willen doen “landverraders” die streng moeten worden gestraft.

Indië-weigeraars werden opgesloten, soms ook met oorlogsmisdadigers uit de 2e wereldoorlog. Maar er was verschil. De laatste categorie kwam voor gratie in aanmerking, de eerste categorie niet. Zij moesten hun staf van soms 5 jaar volledig uitzitten.

En zelfs nu bestaat er in ons parlement heel wat meer respect voor Nederlandse militairen die met elkaar gezorgd hebben voor zo’n 100.000 Indonesische slachtoffers, dan voor degenen die geweigerd hebben daaraan mee te doen.

Hans Dijkman

 

3. WERKGROEP GEWETENSBEZWAARDEN MILITAIRE DIENST

Militaire dienstplicht in Nederland (uit Vredesspiraal 2022 nr.2)

De oorlog in Oekraine heeft op nadrukkelijke wijze weer het begrip ‘dienstplichtigen’ teruggebracht. In het Russische leger werden deze soldaten veelvuldig naar het front gezonden, terwijl in Oekraine er veel nadruk lag op de ‘plicht’ waardoor jongens en mannen die mogelijk konden deelnemen aan de strijd aan de grens het vertrek werd geweigerd… Hoe zit dan eigenlijk in ons land?

Auteur: Leen van den Herik, redacteur en dienstplichtig militair opkomst:1972-juni

Hoe het was

Tot mei 1997 werd iedere Nederlandse jongen opgeroepen om zich te komen melden voor een lichamelijke en geestelijke keuring voor het vervullen van de militaire dienstplicht van circa 15 maanden.

Deze keuring te midden van leeftijdsgenoten kreeg bij mij ook wel een bijzondere lading door de vele verhalen en suggesties die door mede-keurlingen werden verteld op welke wij er kans was op een mogelijke afkeuring! De eenvoudigste was het beroep op ‘broederdienst als je al twee broers had die deze plicht hadden vervuld. Verder bleken er tal van minder gewenste aandoeningen en geaardheid te zijn die zelfs konden leiden tot het meest negatieve kwalificatie S5. In hoeverre dat in je latere maatschappelijk loopbaan ook negatief zou gaan werken werd daarbij niet vermeld.

Naast de lichamelijke en geestelijke keuring werd tevens een overzicht gemaakt van opleiding en vaardigheden ivm de voor het leger meest geschikte stationering. Daarvan had ik geen enkele verwachting omdat ik met mijn administratieve opleiding voorbestemd leek te zijn voor de afdeling administratie bij de Landmacht. En had dit dan ook als voorkeurplaats opgegeven…

Op basis van de keuring werd dan in het 20e levensjaar de ‘uitverkorene’ opgeroepen om zich te melden bij een legeronderdeel dat paste bij zijn gebleken geschiktheid.

Echter ook mijn poging tot meedenken met de defensiestructuur liep op niets uit, want net als mijn klagenoten met hun meest creatieve voorkeuren, werd ook mijn ‘logische’ plaatsing genegeerd en bleek ik voorbestemd voor de Luchtmacht met een te volgen technische opleiding; Een poging om van deze onderbetaalde en geschoffeerde positie iets beters te maken door mij op te geven voor de piloten-opleiding liep vast op het her-keuringsresultaat ongeschikt als officier! Dus dan maar na mijn diploma naar Schaarbergen en na zes weken soldaatje-spelen ook nog eens zes weken theoretische radartechniek, gevolgd door twee maanden praktijkstage bij mijn toekomstige NAVO-legeronderdeel in Duitsland. Een jaar later mocht ik wegens beoogde studie vervroegd de dienst verlaten en als Luchtmacht-specialist hoefde ik ook niet op herhaling te komen; kortom: klus geklaard.

Er waren er ook weldenkende jonge mannen die oorlog absoluut verwierpen en ook niet mee wilden doen aan de voorbereiding hierop. Ze hadden daarom ook principiële bezwaren tegen het omgaan met wapens en ander oorlogstuig en meldden zich af als ‘dienstweigeraar’. Dat had tot gevolg dat er vervangende dienstplicht moest worden vervuld, werd deze geweigerd dan werd een gevangenisverblijf in het vooruitzicht gesteld.

Een van deze weldenkende jongemannen zal in een later artikel zijn ervaring hiermee ook aan ons doorgeven!
Hoe het gaat worden

Momenteel ontvangt iedere jongen die 18 jaar wordt bericht over zijn inschrijving als ‘dienstplichtige’, echter met de toevoeging dat dit is opgeschort en dat effectuering dus (nog) niet aan de orde is. Niet alleen de nabijgekomen oorlog, maar vooral ook de al jarenlange personele krapte in de Nederlandse krijgsmacht, hebben het onderwerp ‘dienstplicht-reactiveren’ weer op menige politieke agenda gezet. CDA-er Derk Boswijk zei hierover voorjaar 2022 in een televisie-programma dat dan eerder moet worden gedacht aan een vorm van dienstrecht naar Zweeds of Noors model, waarbij ook meer zou worden gelet op de ontwikkeling van de betreffende jongeren < ook meisjes niet te vergeten> als een vorm van ‘School of life’, maar een nadrukkelijk belang van het leger werd daarbij zeker niet ontkend!!

Kerk en Vrede zal nauwgezet alle ontwikkelingen rond de dienstplicht en de beoogde invulling hiervan blijven volgen en analyseren, ook om hen die concreet kiezen voor vrede en tegen oorlog niet te vergeten en waar nodig met raad en daad bij te staan! Daarom zal zij in samenwerking met andere dienstplicht-kritische personen en organisaties via de VredesSpiraal, nieuwsbrieven en website blijvend informatie aanbieden aan dienstplichtigen over wat er kan worden gedaan… en hoe te handelen indien…

Bron: Nooit tegen ons geweten, Kerk&Vrede i.s.m. Narratio, Gorinchem

Veel informatie is ook te vinden bij Wikipedia, trefwoord dienstplicht’ en overheids info op: https://puc.overheid.nl/mrt/doc/PUC_271399_11/1/

 

 

Klap in

Nieuws

Koorzang voor vrede?

Willem de Haan werd door Gerda Blees van de Volkskrant geïnterviewd over de vraag "Kunnen we alle koren laten zingen voor vrede?"

Lees verder
Naar aanleiding van 15 mei: Internationale dag van gewetensbezwaren

Door de IFOR (International Fellowship Of Reconciliation) werd op 15 mei de volgende verklaring uitgegeven.

Lees verder
Vredeslied voor de maand juni

Het is inmiddels al het 6e vredeslied op weg naar de jubileumdag van Kerk en Vrede op zaterdag 5 oktober, "Zingen tegen de bierkaai".

De keuze is gevallen op "De wijze woorden en het groot vertoon", van Huub Oosterhuis.

Over een wereld omgekeerd...

Lees verder

Agenda

5 oktober 2024 100 jaar Kerk en Vrede

Op 8 oktober a.s. bestaat Kerk en Vrede 100 jaar. Geen jubileum om te vieren. Maar wel om te gedenken en nieuwe inspiratie op te doen.

Op zaterdag 5 oktober komen we bij elkaar in Utrecht voor een dag van verdieping in zang, creativiteit en beweging. Nader bericht volgt.

Noteer deze datum!

Download hier de folder.

Lees verder