30 november 1999

Onze voetafdruk

Hier hebben we een aantal zaken bij elkaar gezet die we in de loop der tijd ontwikkelden.
Vaak liederen of verklaringen of een boek of een artikel. Waarvan we het idee hebben dat ze bewaar-waardig zijn.
Minder waan van de dag dan bv de persartikelen en de nieuwsberichten en oproepen elders.



    Gods vermiste gelaat

    Pelgrimstocht willen de kerken. Zie hier. Als je samen op pelgrimstocht wilt, moet je vooral weinig bagage meenemen. Alles achterlaten. Zonder ballast kun je samen optrekken, met de ballast gaat ieder weer onder het eigen vaandel lopen. Zo zonder bagage, kun je óók gaan waar geen weg is. En dan kom je het tegen: Gods Vermiste Gelaat. Die volksstammen waar multinationals de grond omwoelen, vergiftigen, grondstoffen wegroven. Gods Vermiste Gelaat symboliseert deze volken die uit ons zicht gehouden wordt. Zoals Zij ook weggehakt blijft uit de christelijke godsbeelden.

    Lees hier de interessante dingen van onze Samenwijzerdag 25 April 201

    Bundel vredesliederen

    TGV ons jubileum van 2009 hadden we de bundel Vredesliederen 'En alle angst voorbij' ontwikkeld.
    De bundel is nog steeds te koop via onze webwinkel.

    De bundel is vaak duidelijk aanwezig als het gaat over het Vredeslied.
    En we zinnen op meer, natuurlijk.

    Gods vermiste gelaat. Verslag

    Gods Vermiste Gelaat Een pelgrimstocht van gerechtigheid en vrede. Verslag van ontmoetingen. Samenwijzerdag 2014 25 April.. 

    Paus Franciscus roept op diverse wijzen op om de wereld te bezien vanuit de ogen van armen en dan weten wat God van ons vraagt. Tegelijkertijd roept de Wereldraad van Kerken ons op om met alle kerken in de wereld een pelgrimstocht van gerechtigheid en vrede te beginnen.

    Klaas van der Kamp, algemeen secretaris van de Raad van Kerken, maakte vrijdagmiddag 25 april in het Nicolaas-Monicacentrum heel concreet wat een pelgrimstocht betekent. Een middag van samen verkennen, verspieden, sloot hij af met een uitdagende vraag aan de zaal.

    “Stel, we worden afgezet op het strand van een eiland. Er is één smalle kustweg tot aan een stad op een berg, een pelgrimsoord aan de andere kant van dat eiland . Je komt onderweg ook nog langs een vissersdorpje en langs een klein orthodox kapelletje; tot aan de stad is het ongeveer 25 km. De rest van het eiland is oerwoud. In dat oerwoud zitten ergens nog twee kleine dorpen van Indianenstammen. Wat gaan we als eerste doen als we op het strand staan? We hebben één dag.“

    Er wordt het een en ander geroepen vanuit de zaal:

    • “Dat pelgrimsoord bekijken”; 
    • “een doel afspreken”;
    • “ik wil dat kerkje wel bezoeken”.
    • “Kijken of we voldoende brood bij ons hebben”;
    • “misschien moeten we eerst wel eten, anders halen we het niet”. 
    • “Ik ben nieuwsgierig, ik wil wel naar die dorpjes in het oerwoud”; “we maken een weg daar naartoe”; “dat is onzin, gewoon door de struiken ons een weg zoeken!”

    En dan Klaas van der Kamp weer: “Jullie vergeten wel iets heel belangrijks. Als je op pad gaat, met een vliegtuig, pak je je koffer. En dan zet je hem op de weegschaal, want je mag maar 20 kg. meenemen. Dus je moet ook weer van alles uit die koffer halen, want hij is te zwaar. Als we echt samen op pelgrimstocht willen, is één heel belangrijke vraag: wat laten we allemaal achter op het strand? Hoeveel ballast hebben we bij ons die daar wel kan blijven? Hoe weinig hebben we echt, écht nodig voor deze tocht? De rest achterlaten, anders gaan we het niet halen.

    We voelden ons heilzaam betrapt. Precies: voor een pelgrimstocht van gerechtigheid en vrede moet elke kerk, moet elke geloofsgemeenschap haar bagage onderzoeken: rituelen, gewoonten, dogma’s. Als we echt samen die weg willen gaan, hoeveel moeten we dan thuislaten, achterlaten, om zo’n tocht mogelijk te maken en geen loodzware ballast die de beweging verhindert. Samen: andere kerken dus niet uitsluiten, ook niet bij de maaltijd. Samen: een meeneembeweging, anderen welkom heten. Inschikken, plaats maken, in plaats van afstoten of uitsluiten. Dan hebben we het alleen nog maar over wij christenen onderling, de verschillende kerken.

    Een pelgrimstocht van vrede: proberen de taal, de emoties, de gevoeligheden van die ander te verstaan, te begrijpen. Niet allereerst je eigen preek afsteken, je eigen ideeën opdringen. Alles achterlaten, even laten rusten. Een rustpauze voor je eigen overtuigingen en helemaal leeg, open, luisteren en kijken wat die andere wil meenemen onderweg. En dan, het grootste, onbekende: een pelgrimstocht van gerechtigheid en vrede.

    Wel, daar waren we de hele middag voor op verkenning geweest. Samen. Een paar mensen die een aanzet gaven, en toen werd in de zaal verzameld wie ook nog verhalen had om in beeld te brengen waar het schort, waar het goed gaat, wat wij samen kunnen.

    Enkele Doopsgezinden en Quakers en een zuster van “De Voorzienigheid” vertelden over hun ervaringen met Indiaanse volken. Hoe multinationals huishouden in hun gebieden, voor kolenwinning, goud, coltán, hout, waterwinning. Hun leefgebieden worden verstoord, vergiftigd, verwoestijnd. En hoe zij zich verzetten. Waardig, met wijsheid, vreedzaam, volhardend. Hoe dat soms lukt. Er viel een woord dat de diepe ongerechtigheid in beeld brengt. “Mining”, het Engelse woord voor mijnbouw. MIJN-bouw. “Het is van MIJ”. Afpakken dus feitelijk. Stelen. Stelen en meteen ook vernietigen. Als het maar geld opbrengt. Annexeren.

    Jacob Schiere maakte helder, dat ‘mining’ feitelijk al een aantal eeuwen gebeurt. Europa eigende zich hele continenten toe als kolonies. Nu zijn het de multinationals. Nog steeds worden leefgebieden ernstig verstoord: in Latijns Amerika, in Noord-Canada, Noord-Europa, in Afrika, in Azië. Slavenhandel en slavernij was ook mining. En wat voor ons betekenis kreeg: het ergste onrecht gebeurt buiten het oog van de camera. Het onrecht wordt onzichtbaar gemaakt.

    Terug naar ons eiland: we zouden echt dat bos moeten intrekken, naar die Indianen dorpen, om te kijken wat daar gebeurt. Of hun dorpen niet ook al verstoord worden?

    En toen ging het ineens over God. Zijn wij christenen ook niet God aan het ‘minen’? We zouden ons geen beeld van God maken. Toch deden we het. God kreeg het gezicht van een man, een witte man. ONZE God. Van MIJ. En, is dat niet bovendien een verminkt godsgelaat? Want we waren toch naar Gods beeld geschapen ,man en vrouw, allen samen: zwart, rood, geel, wit? Een verminkt godsgelaat: veel weggehakt, veel onzichtbaar gemaakt, ontkend. Net als al die volken die ‘gemined’ werden.

    We stotterden nieuwe hoop. Want dan is er ook een Vermist Godsgelaat: vrouw; zwart, rood, geel. Onzichtbaar gemaakt of ontkend als beeld van God. Gods Verdwenen Gelaat. Gods Vermiste Gelaat. Kan Gods Vermiste Gelaat symbool worden voor die onzichtbaar gehouden volken en hun leefwereld die onzichtbaar gehouden wordt juist als ‘mining’ vernietigend werkt?

    Gods Vermiste Gelaat. Een oproep, om op tocht te gaan. Haar terugvinden. Haar herkennen. In Haar Gelaat het lijden herkennen dat de ‘vrije markteconomie’ hele volksstammen aandoet. In Haar Gelaat ons bewust worden van de wijsheid en de kracht van die volken die ‘gemined’ worden. Voor onze kleding. Voor ons voedsel. Ook als wij dat niet zouden wensen. Daarom, samen die pelgrimstocht van gerechtigheid en vrede gaan. Ontdekken wat er gebeurt. En waar dat kan, veranderingen mogelijk maken. Gods Vermiste Gelaat aan het licht brengen.

    We zetten nog een stap, een aanzet. In die pelgrimstocht van gerechtigheid en vrede moeten we dus allereerst veel bagage even achterlaten, en wat we wel nog meenemen ook nog herijken. We deden dat met Gods Verminkte Gelaat en met Gods Vermiste Gelaat. We deden dat ook met dat oude begrip erfzonde. Erfzonde, zoals Thomas van Aquino die duidde: als een maatschappelijk, structureel kwaad. Onrecht. Op verkenning naar die kleine dorpjes, die inheemse volken die ‘gemined’ worden. Zien dat in Bangladesh enorme groepen armgemaakten een hongerloon ontvangen in een kledingfabriek die hun gezondheid schaadt, voor onze kleding. Ik kleed mij kennelijk m et erfzonde, want er is nauwelijks andere kleding te koop.

    Zien dat voor ons gezonde voedsel Chiazaad wordt geïmporteerd, de prijs steeg daardoor, de bevolking van Peru waar dat verbouwt wordt, kunnen het sindsdien niet meer betalen; eens hun volksvoedel. Ik voed mij kennelijk ook met erfzonde, er is bijna niet anders te koop.

    Als geloofsgemeenschappen samen moeten we ons toch kunnen weren tegen die erfzonde, die bijna onontkoombare zondigheid in de moderne markteconomie, die ons onwetend medeplichtig maakt aan dat ‘minen’. Niet opdat we ons schuldig voelen. Schuldgevoel helpt niet. Integendeel, schuldgevoel verstoort communicatie en verstoort relaties. Voor een gezamenlijke pelgrimstocht van gerechtigheid en vrede is juist van belang om ons communicatieve vermogen te verbeteren. Nee, te optimaliseren. De kerken uit het zuiden hebben het werk verricht, om de kerken uit het noorden eindelijk hiertoe te brengen: de agenda voor de komende jaren eens vanuit het zuiden op te bouwen, vanuit wat daar gebeurt. En niet voortgaand de agenda hier in het noorden te bepalen.

    Als geloofsgemeenschappen samen, wat kunnen we doen om die erfzonde te keren, die onontkoombaarheid om ons te voeden en te kleden met erfzonde?

    Klein voorbeeld: als geloofsgemeenschap een verzamelpunt worden voor oude mobieltjes en I-pads, en die toesturen aan de Apenheul, die ze in de recycling brengt en meteen daarmee geld krijgt om de Apenheul te blijven onderhouden. Of naar Stichting Aap. Als wij allen samen die electrische apparaten voor hergebruik verzamelen, kan letterlijk het ‘mijnen’, de mijnbouw, v ergiftiging van leefgebied, worden beperkt.

    Onze samenleving is door het marktsysteem erg complex. We hebben elkaars handen nodig om een weg van gerechtigheid te ontginnen. We hebben elkaars ogen nodig om Gods Vermiste Gelaat aan het licht te brengen. We hebben elkaars oren nodig om de vele gesmoorde kreten van pijn daar in dat zuiden te horen. We hebben elkaars voeten nodig om wegen van vrede te verkennen, juist daar waar oorlog en conflict dreigt. Samen. Maar dan kennelijk dus ook samen besluiten: wat laten we achter, van hoeveel ballast willen en durven we ons te bevrijden om de beweging gaande te houden?

    Yosé Höhne-Sparborth