23 april 2017

Beloken Pasen 23 april 2017

ZONDAG 23 APRIL BELOKEN PASEN

Genesis 8 vers 6-16 Psalm 16 Johannes 20, résumé en 19-23  I Petrus 1 vers 3-9

De veertigdagentijd is voorbij, de luiken van Pasen gaan dicht. Een vreemde etymologie die iets met be-luiken en ont-luiken te maken heeft. “Gij laat mijn ziel niet over aan de hel” zegt de dichter van Psalm 16 die wij vandaag ook op het rooster tegenkomen. Het pad naar het leven ligt weer open. Maria van Magdala heeft de Heer met eigen ogen gezien, haar beminde Jezus. Het licht kwam terug op haar pad.

In Genesis gaat het over Noach, zijn vrouw, zijn zonen en de vrouwen van zijn zonen. Zo was nu eenmaal de hiërarchie in oude tijden. Dit verhaal wordt in allerlei versies over de hele wereld verteld, en we weten nu dat er heel wat grote vloedgolven over de aarde zijn gegaan, zeker in het Midden-Oosten. Hier gaat het over een God die het niet kan aanzien als alles en iedereen door het water wordt meegesleurd. Hij raadt Noach aan een veilige ark te bouwen voor mens en dier, en zo kan er een rest overleven na de watersnood. De mens wordt niet overgelaten aan de hel die over hem komt, en ook niet aan de hel die hij zelf creëert. Het zijn mooie verhalen, en het zijn moeilijke verhalen. Want wie zijn wij in al dat natuurgeweld? Er zijn machten in de hemel, en anders wel in de aarde, in dieren en mensen die vernietigend kunnen worden. JHVH voelt uiteindelijk het leed in zijn eigen lichaam en laat mens en wereld opnieuw beginnen. Ik kan me heel goed voorstellen dat de moderne westerling vaak zegt: “Dan maar geen God!” of hebben wij soms geen moeite met een God die handelt en dan later weer spijt krijgt als er te veel leed uit volgt? Dit is gevoelige materie, maar we kunnen er niet omheen. Met een beroep op het beeld van God dat we hier tegenkomen zijn al heel wat mensen en volkeren aan de haal gegaan: we spelen maar al te graag zelf voor een godje dat naar willekeur mag handelen.

En dan worden we telkens opnieuw geraakt door Jezus die mensen confronteert met de goedheid van God zoals hij die zelf belichaamt. Hij troost, geneest en spreekt woorden die door de eeuwen hun kracht niet verliezen – of je nu gelooft dat hij God is, of de nieuwe mens. Hij kan ‘toornig’ worden om dienst aan ongenadige machten, om wreedheid, hij verzamelt rafelig volk om zich heen. Hij ontfermt zich over zwakke mensen en neemt tenslotte de woede op zich die daaruit voortkomt. Want, met of zonder geloof in de God van Israël, sluiten machthebbers een verbond om hem uit de weg te ruimen. En zo zijn ze het er even over eens dat het zó niet kan als Jezus het vertoont. Hij vlucht niet maar hij lijdt vrijwillig, en daar hebben ze niet van terug. Wij wel?

Jezus werd gemarteld en omgebracht - niet als eerste en niet als laatste. Het verhaal eindigt daar niet mee: zijn volgeling Maria van Magdala gaat op de eerste dag na de Sabbat, de rustdag naar het graf en vindt daar alleen nog de windsels. Ook andere leerlingen komen om dat te zien. Ze menen dat hij is weggehaald door een onverlaat. Maria ontmoet engelen die haar vragen waarom ze zo huilt, en dan staat ineens Jezus zelf achter haar. Hij roept haar naam: Mirjam, Maria! “Mijn kleine rabbi…”stamelt ze. “Ik heb de Heer gezien!” vertelt ze aan de leerlingen die nu ook komen opdagen. Later op de dag, als ze allemaal angstig bij elkaar zijn met alle deuren dicht, dan is Hij ineens in hun midden, met een vredesgroet. Hij zegt: “Ik zend jullie uit, zoals de Vader mij zelf uitzond!” Hij spreekt van een volmacht die van hem op hen zal overgaan.

Dit is een verhaal dat in het Engels een “stunning story” zou heten. In het Nederlands weet ik geen betere woorden. Het beweegt je, maar wat moeten wij ervan maken?

Misschien dit: de zwakke krachten winnen aan het einde. Want Jezus is nooit meer weggeweest en hij heeft over de hele wereld mensen geïnspireerd. Omdat in Hem zichtbaar wordt wat de zwakke krachten tot stand kunnen brengen. Er is een mogelijkheid voor ons als mensen om niet telkens weer onheil over ons zelf en onze kinderen uit te roepen. Het omarmen van mensen die niet tellen is nu juist de weg naar samenleven op aarde. En zo kunnen we nog veel meer invullen. Ook in onze tijd hebben mensen dat gedaan, en zijn daarbij net als Jezus tot het uiterste gegaan. Hij belichaamt de kracht van God die in zwakheid volbracht wordt. Gemakkelijker wordt het daardoor niet. Maar zoals Elia na een moordpartij op priesters van de God Baal in de stilte JHVH ontmoette en daarmee iets van de zachte krachten begon te begrijpen, zo was er ook voor Jezus’ leerlingen een beslissend moment.

Aan onze lezingen is nog de eerste Petrusbrief toegevoegd. Voor hem wordt de geschiedenis van Jezus het verhaal van een levende hoop. Hij noemt dat “de redding van de zielen”. Jezus blijft tastbaar nabij.

Zo kenden vredestichters de eeuwen door die ontmoeting met de God van de zwakke krachten. En dat bezielde ze met moed. Zo’n beslissend moment kunnen ook wij misschien meemaken, en dat zal dan ook onze voeten zetten op de weg van de vrede.

Janna F. Postma