10 april 2016

2e zondag veertigdagentijd 10 april 2016

Jer.32.36-41, Luc 24.35-48.

Teleurstelling en angst. Jeruzalem zal vallen (Jer), is gevallen (Luc). Jezus is dood. Einde of nieuw begin? God heeft beloofd om te zien naar zijn Volk. D leerling ervaren: Jezus leeft voort. Zijn leerlingen krijgen de opdracht hem na te leven en zodoende leven te geven.

Inleiding
Jeremia moet het volk aankondigen dat Nebukadnessar hen zal overwinnen en wegvoeren. Maar dat is het einde niet. God zal zijn belofte aan zijn volk houden.

Lucas beschrijft de paaservaring van de leerlingen, zoals deze hem verteld is. Hij wil in zijn hele evangelie aantonen dat Jezus de beloofde messias is. Dat god zijn volk niet in de steek laat. Door hun paaservaringen verstaan de leerlingen de Schriften en krijgen hun opdracht: God is er voor alle mensen. De grondslag voor hun bevrijdende opdracht is en blijft de Tora, de Profeten en Psalmen, zoals die Jezus hen heeft voorgeleefd. Jezus is niet dood, hij leeft voort onder ons. Zij en wij, als leerlingen, mogen in die wetenschap leven en leven geven.

Jer. 32.36-41,
Context: De Heer zegt Jeruzalem te geven in de handen van koning Nebukadnessar, met alle gevolgen van dien.

36-41. Maar toch.. eens, zegt God, zal ik de inwoners weer terugbrengen vanuit alle streken waarheen ik hen in mijn toorn, verdreven heb. En ze in vrede in Jeruzalem laten wonen. Zij zullen mijn volk zijn en ik hun God. Zij zullen één van zin zijn en hun nageslacht zal het goed hebben. En Ik zal een eeuwig verbond met hen sluiten. Zij zullen ontzag voor Mij hebben en Ik zal er vreugde in vinden. En voorgoed dit land, met hart en ziel planten.
Context: van onheil, naar belofte, dat de Eeuwige het ook weer ten goede zal doen keren

Tussen deze tekst en luc. 24 liggen eeuwen van ballingschap, terugkeer, de bouw van de tweede tempel, de Makkabeën en de romeinse bezetting en de val van Jeruzalem. Nu twee eeuwen later exegetiseren Palestijnse christenen deze tekst heel anders dan Joodse christenen in Israël. Beide vanuit hun eigen context. Lucas las de Tenach vanuit zijn context. Hij toonde vanuit de Tenach aan dat Jezus werkelijk de beloofde Messias was. Bovendien dat de ontstaane gemeenten de opdracht hadden te werken vanuit de inspiratie van Jezus. Wij exegetiseren eveneens vanuit eigen context. Het is van belang dat we ons bewust zijn dat onze eigen context mede bepalend is hoe wij de ons overgeleverde verhalen lezen.

Luc 24.35-48.
Context: Jezus is voor het Pesach feest ter dood gebracht. Op de derder dag na Jezus dood, de eerste dag van de week: Vrouwen vinden het lege graf. Twee mannen houden het voor gezien en gaan naar huis. Zij spreken er over, onderweg naar Emmaus, dat de hoop dat Jezus van Nazareth hen zou bevrijden (zoals koning David), de bodem was ingeslagen. Dan voegt een vreemdeling zich bij hen, die hun ogen opent voor de Schriften. Zij herkende Jezus aan het breken van het brood. Zij keren, direct terug naar de leerlingen in Jeruzalem.

35-48. Terwijl zij aan de leerlingen in Jeruzalem vertellen welk inzicht het openbaar geworden is, verschijnt Jezus zelf in hun midden, met een vredeswens.

Wat is de interactie tussen Jezus en zijn leerlingen?

De leerlingen:

Twee leerlingen komen terug uit Emmaus. Zij bevestigen het bericht van de vrouwen. En vertellen dat Jezus opeens met hen meeliep. De Schriften voor hen opende en zij hem herkenden aan het breken van het brood.

De leerlingen reageren, op Jezus in hun midden, met angst en verbijstering. Zij menen een geest te zien. Zij zagen, konden het vanwege vreugde en verbazing toch niet geloven. Zij raakten Jezus aan. Zij gaven Jezus, op zijn vraag, te eten -vis- . Door Jezus' woorden wordt hun verstand geopend voor het begrijpen van de Schriften. Zij krijgen een opdracht getuigenis af te leggen tot inkeer van de volken, te beginnen bij Jeruzalem.
Context: Zij moeten in de stad blijven tot zij met de kracht uit de hemel worden bekleed. Zij gaan met Jezus op weg, de stad uit, naar Betanié. Zij worden gezegend tijdens Jezus' afscheid. 
Zij brachten hem hulde en keerden, met grote vreugde, terug naar Jeruzalem, waar ze voortdurend in de tempel waren en God loofden.

Jezus:

36. Komt in hun midden staan, met een vredegroet. En vraagt hen waarom zij verward zijn en waardoor zijn er zulke overwegingen hun hart hebben. Hij nodigt hen uit te kijken naar zijn handen en voeten. Ik ben het zelf. En nodigt hen uit hem aan te raken, dat kan je niet bij een geest. Hij liet zijn handen en voeten zien. Vanwege hun nog niet geloven vraagt Jezus iets te eten en at het voor hun ogen. Dan herinnert hij aan de woorden die hij sprak toen hij nog bij hen was, dat alles wat in de wet van Mozes bij de Profeten en in de Psalmen over hem geschreven stond vervuld moest worden. Er staat geschreven dat de Messias zal lijden en sterven, maar op de derde dag opstaan uit de dood. En dat in zijn naam alle volken opgeroepen zullen worden, tot bekering, opdat hun zonden worden vergeven. Jezus opend het verstand van de leerlingen, zij krijgen inzicht.

Context:Jezus belooft dat hij er voor zal zorgen dat de belofte van zijn Vader aan de leerlingen wordt ingelost. Hij leidt hen, de stad uit, tot bij Betanië. Terwijl Jezus hen zeggende wordt hij opgenomen in de hemel.

De Pesach ervaring van de leerlingen.

Lucas beschrijft aan Theofilus, minstens 40 jaar na Jezus dood, wat hij gehoord heeft over Jezus.

Lucas 24 moet eigenlijk als één geheel gelezen worden. Het is het slot hoofdstuk van het ordelijk verhaal om Theofilus te overtuigen van de betrouwbaarheid dat Jezus werkelijk de beloofde Messias is (1.3-4). In dit slot hoofdstuk gebeuren allerlei zaken met de leerlingen, die eerder door Lucas beschreven zijn als bevrijdende ervaringen van mensen. Soms werd deze mensen het zwijgen opgelegd over het gebeuren. Nu mogen de leerlingen Jezus bevrijdende werk doorgeven en voortzetten.

Bij Lucas speelt het verhaal van de opstanding en de hemelvaart zich geheel af op de derde dag. In dit drieluik worden de leerlingen 3x er aan herinnerd dat Jezus over zijn lijden en sterven gesproken had, zoals reeds in de Tenach beschreven. De engelen roepen het bij de vrouwen in herinnering. Bij de Emmaüsgangers gaat een licht op als zij over hun hoop en teleurstelling praten en Jezus in hun midden komt. Dan gebeurt er iets met de hele groep leerlingen bijeen. Zoals bij de Emmaüsgangers verschijnt Jezus nu te midden van allen. De leerlingen zijn nog niet bekomen van de gebeurtenissen en dan langzamerhand krijgen ze het inzicht. Dat Jezus toch de beloofde Messisas was. De schrik gaat over in vreugde. Zij zien in dat zij nu de opdracht hebben, Jezus werk voort te zetten. Dat is hun Pesach ervaring, als eerstelingen van Jezus oogst.

Wat lijkt er te gebeuren.

De leerlingen zijn in grote verwarring bijeen. De vrouwen hebben verteld. Petrus heeft zich ervan overtuigd dat het graf leeg was. De Emmaus gangers komen terug. Angst en vrees. Veel vragen: waarom is het graf leeg, wat is er gebeurd, wat zal er gebeuren, wie hebben wij gevolgd, hij was onze hoop......

Zij praten erover.

Dan komt Jezus in hun midden. Hun angst en verwarring tegenover de vredegroet van Jezus. Langzaam komt er inzicht en vrede over hen doordat een aantal gebeurtenissen volgen.

  • Jezus verandert hun ontzetting en twijfel.

  • Zij mogen Jezus aanraken. Jezus, die zovelen aangeraakt heeft, zodat er kracht van hem uitging tot heling, straalt nu ook zijn kracht uit aan deze leerlingen.

  • Dan vraagt Jezus hen iets te eten, ze geven hem vis en hij eet. Jezus vermenigvuldigde brood en vis voor de menigte. Nu krijgt Jezus vis van hen. Het symbool voor de gemeente.

  • Jezus heeft velen de ogen geopend. De ogen en het verstand van de leerlingen worden nu geopend voor het inzicht in de Schriften.

  • Daarvan moeten de leerlingen getuigenis van afleggen, gesterkt door de belofte van God, die zijn Volk, ook zijn leerlingen nu, niet in de steek zal laten.

  • Na dit inzicht is het voor de leerlingen mogelijk om naar buiten te treden. De stad uit als vlucht? Nee toch niet. Ze worden geleid nabij Betanië, de stad van leegte. De woonplaats van Lazerus was al veranderd. Hij was opgestaan uit de dood. Doordat hij en zijn zusters, Martha en Maria, in hun diversiteit, leerlingen van Jezus waren. Deze plaats van leegte wordt symbool voor de plaats van zegen, die tot vreugde leidt.

  • Zo is het mogelijk afscheid te nemen van hun Heer, waarvan zij niet alleen de vrede ontvangen hebben, maar nu ook de zegen. Dit is een ervaring als van het eerste Pesach offer, de eerstelingen van de oogst, in Kanaän. - In Joz. 5.12 wordt verteld, dat toen het Volk voor de eerste keer het Pesach offer kon offeren met de opbrengst van het land, het manna ophield. – Jezus als Manna is niet meer nodig. De leerlingen hebben ervaren dat Jezus niet dood is, maar onder hen voortleeft.

  • Hun opdracht is nu door te leven en te getuigen van hun ervaringen met Jezus. Gesteund door de belofte van God. Zodoende levend leven door te geven, te beginnen in Jeruzalem en daarna aan alle volken.

  • Na dit inzicht ontstaat er vreugde onder de leerlingen. Zij loven God in de tempel, ondanks het feit dat Jezus, hun inspirator, in Jeruzalem vermoord is.

De gemeente toen en nu.

Hoe lang zijn hun uitingen van vreugde in de tempel mogelijk geweest? Wat een tegenstelling met de volgende brief aan Theofilus, de Handelingen. Daar schrijft Lucas over verschijningen gedurende 40 dagen. Zowel 3 als 40 zijn in de bijbel symbolische getallen. Alle evangelisten beschrijven hun ervaringen na de opstandingservaring een beetje anders, vanuit eigen context. Wat van belang is, is de opdracht aan de leerlingen, niet alleen aan de twaalf. Het gaat om de mannen en vrouwen die deze ervaring deelden en het verder in praktijk brachten. Zij wisten zich (aan)geraakt door Jezus om te getuigen in het kracht veld van de Geest tot op vandaag. Door de eeuwen heen is dat niet eenvoudig gegaan. De kerkgeschiedenis is er één van strijd om de waarheid, oorlogen in de naam van God, opstand tegen de heersende opvattingen, die onrecht te weeg brachten. Zo gaat het door tot op vandaag.

Hoe staan christenen vandaag in het leven met hun hoop, angsten en teleurstellingen, geloof, hoop en liefde in eigen context. De maatschappij is individualistisch. Geloven, godsdienst wordt door velen gezien als een privé aangelegenheid. Hoe staan geloofsgemeenschappen daarin. Hoe gaat u als geloofsgemeenschap om met elkaar en met het onrecht in de samenleving, dat dagelijks onze huiskamers binnenkomt, maar ook met verborgen onrecht en nood in eigen omgeving. De Paus heeft het jaar van Barmhartigheid uitgeroepen als een leidraad en de Wereldraad van Kerken het decennium van de Pelgrimage. De Raad van kerken Nederland geeft daarvoor verschillende handvatten. Pelgrimeren is ontmoeten van vreemdelingen onderweg. Samen even oplopen, samen delen wat noodzakelijk is in woord en daad, thuis, in de maatschappij en politiek.

Het is vandaag de tweede van Pasen. Wat heeft de 40 dagen tijd aan bezinning opgeleverd voor onszelf, maar ook vanuit al die gezamenlijke, interkerkelijke/interreligieuze projecten voor naasten. Heeft het nieuwe inzichten gegeven? Vind dat doorgang of blijven we toch gevangen in het net van de consumptie maatschappij, het neoliberale marktdenken met het eigen belang voorop. Of wordt er getracht samen wegen te zoeken om door respect en solidariteit de ander tot zijn/haar recht trachten te laten komen. Is het mogelijk te luisteren naar tegenstemmen angsten en vertwijfeling van mensen? Is het mogelijk om als geloofsgemeenschap gesteund door elkaar een stem te laten horen of iets te doen om aan te tonen dat er andere mogelijkheden zijn, dan die de regering bedenkt. Geloofsgemeenschappen hebben kennis van andere mogelijkheden, omdat Jezus daarin is voorgegaan. Door steeds weer bij elkaar te komen voor bezinning en viering kunnen ons verstand en onze ogen geopend worden voor onze roeping opdat wij, met vallen en opstaan, leven en leven geven in de samenleving, in navolging van Jezus, in het krachtveld van de Geest, tot vreugde van mensen in het rijk van God dat is en komende is.

Héleen Broekema (TWG)

Wees hier aanwezig.

Wees hier aanwezig, woord ons gegeven.

Dat ik U horen mag met hart en ziel.

Wek u kracht op kom ons bevrijden.

Woord ons gegeven, God in ons midden,

toekomst van vrede, wees hier aanwezig.

Uw wil geschiede, uw koninkrijk kome.

Zie ons, gedoog ons, laat ons niet vallen.

Wek u kracht en kom ons bevrijden.

Dat wij niet leven, gevangen in leegte.

Dat wij niet vallen terug in het stof.

Zend uw geest, dat wij worden herschapen.

Wek u kracht en kom ons bevrijden.

Dat wij u horen, dat wij u leven.

mensen voor mensen, alles voor allen.

Dat wij volbrengen uw woord, onze vrede.

Wek uw kracht en kom ons bevrijden.

 

Wek uw kracht en kom ons bevrijden.

Huub Oosterhuis.

Gezongen liedboek blz.139

muziek: liedboek zingen en bidden in huis en kerk lied 295.