10 januari 2016

1e zondag na Epifanie 10 Januari 2016

Enige gedachten bij: Jes. 40.1-11, Ps. 104. 1-13, Luc. 3, 15-16, 21-22, voor zondag 10 januari 2016, de eerste na Epifanie, de doop van de Heer.

De kracht van een stem die aankondigt dat het anders kan, anders zou moeten in een wereld van kommer en kwel.

Inleiding:
De te lezen teksten uit Lucas, overlappen de Lucas lezing (3.7-18) van  de tweede Advent, 13 december 2015.  Lucas laat Johannes een stem zijn die  oproept een weg te banen door de woestijn, van de maatschappelijke werkelijkheid, de romeinse bezetting. Zoals ook de tweede Jesaja deed.
Met de doop van Jezus begint weer een nieuwe bemoediging voor het volk toen. Voor geloofsgemeenschappen nu een oproep om ook hun stem te verheffen met kracht en zonder angst tegen oorlog en terreur, milieu vervulling en opwarming van de aarde, schending van mensenrechten.
De troost en stimulans voor christenen is dat zij, door hun doop geroepen zijn Jezus na te volgen door te trachten omkeer te bewerkstelligen. En zodoende waar nodig haat tegen te gaan en liefde te verspreiden. Ook al lijkt het navolgen als graven in droog zand. Christenen weten dat ze geschapen zijn als beelden van God en in navolging van Jezus mogen leven en werken in het krachtveld van de Geest.

Jes. 40.1-11:  De eerste verzen van de tweede Jesaja, een andere persoon dan de eerste Jesaja (8ste eeuw voor Chr.), zijn woorden van troost voor het volk, dat als ballingen in Babylonië woont (586 – 539). De profeet moet, aan Jeruzalem, aankondigen dat jullie God zegt: de slavendienst als dubbele straf op de zonde, uit de hand van de Heer, voorbij is.

Het volk (Jeruzalem /Sion)wordt opgeroepen tot een nieuwe uitdaging. Een stem roept op een nieuwe weg te banen voor God, een weg door de woestijn. Dan zullen er, ook in de schepping, grote veranderingen optreden, zo heeft de Heer gesproken. Een stem/ hij zegt: Roep! Een vraag: wat zou ik roepen. Is de mens niet kwetsbaar, zoals de  natuur. Alles verdwijnt toch weer als de adam/ wind/ de roeach van God er over gaat. Zo ook het volk, alleen het woord van God stand houdt in eeuwigheid. Omdat God stand houdt, moeten de vreugdeboden Sion en vreugdeboden Jeruzalem met kracht hun stemmen verheffen en niet vrezen. De goede boodschap brengen, dat God het volk niet vergeten is. Zijn beloning is dat, het volk weer zal ervaren, dat God als herder zijn kudde zal weiden. In de context wordt God beschreven als levende God, schepper en onderhouder.

Ps. 104. 1-13: Een loflied op de grootheid van God en zijn/ haar schepping.

Luc. 3, 15-16, 21-22:
Context: De stem beschreven in Jesaja (40. 3-5) wordt door Lucas geciteerd en aan Johannes de Doper toebedeeld, als zijnde de vervulling van die tekst. In de tijd van de tweede Jesaja ging het om de mogelijkheid tot terugkeer uit de Babylonische ballingschap. Vijf eeuwen later is er een stem in de woestijn van Johannes, deze roept ook weer op tot verandering. Hij heeft het niet over vernietiging van de vijand, maar om verandering van houding ten opzichte van de naaste. Hij geeft daarbij richtlijnen, in het algemeen, maar ook duidelijk aan degen die hem vragen, hoe te veranderen. Dat zijn nu juist geen farizeeën of Schriftgeleerden, maar een soldaat en een tollenaar.

Vers 18 beschrijft hoe hij het goede nieuws op allerlei, niet beschreven, wijze verkondigt. Dit deed hij inspelend op de verwachting in de tijd, die zo slecht was, dat spoedig een apocalyptisch oordeel zou (kunnen) volgen als de Messias kwam. In vers 19 wordt verteld, hoe hij niet alleen het volk aangaf zich te bekeren, maar ook Herodus vermaande. Herodus pikte dit niet en zette Johannes gevangen en liet hem naderhand – uit onmacht – onthoofden (Mc.6.14vv).

15-16. Er is weer een tijd aangebroken van overheersing en verdrukking. Mensen zien reikhalzend uit naar verlossing van de Romeinen. Er is al door de eeuwen heen geschreven over een messias, die het volk zal verlossen. De mensen, die Johannes horen,  vragen zich af of hij de messias is. Johannes verwijst naar iemand, waarvan hij slechts de nederigste dienaar is. Deze, die na hem komt zal niet dopen met water, maar met  heilige Geest en met vuur. – Dit is al een verwijzing naar de beschrijving op het Pinksterfeest, drie jaar later en bekend bij Lucas – . Na het intermezzo van de verzen 17-20, wordt  in 21-22 verteld, dat heel het volk en ook Jezus zich liet dopen. Jezus gewoon als man onder het volk. Maar dan gebeurt er iets, waardoor Jezus onderscheiden wordt van de rest van de aanwezigen. Toen Jezus na zijn doop aan het bidden was, gebeurde er iets. De hemel opende zich, de heilige Geest in de (lijfelijke) gedaante van een duif, daalde op hem neer. En er klonk een stem uit de hemel: Jij bent mijn geliefde zoon, in jou vind ik vreugde/ behagen.

Context: dan volgt een tussenstuk 23-38 waarin Lucas een geslachtsregister beschrijft van Jezus, als zoon van Jozef, tot Adam, de zoon van God. Daarna wordt beschreven dat Jezus geleid en vervuld van de heilige Geest, 40 dagen doorbracht in de woestijn.

De Geest.
De Geest van God komt hier niet zomaar plotseling terecht in het verhaal. Over de Geest van God wordt de hele bijbel door gesproken. Al voor de schepping vertelt het Genesis verhaal: Gods Geest zweefde over de wateren (gen.1.1).

Duif:
Enkele betekenissen: De duif is in de bijbel een symbool van toekomst (Noach), daaraan is de vredes duif ontleend.  Als eigen naam: Jona, die verandering moest aankondigen. Het was het offerdier voor de armen. Symbolisch in Hooglied. De gedaante van de heilige geest na Jezus doop.  De duif wordt in de mystiek aangeduid als ziele vogel. ,

Stemmen.
Stemmen die oproepen tot verandering klinken door de eeuwen heen, van God en de profeten in de bijbel verhalen en van  profeten/ charismatische leiders daarbuiten, van Jezus en van zijn navolgers. Hoe klinken de stemmen van christenen nu, van ons?

In het oude/ eerste testament klinkt vaak de stem van God /de Heer, soms vergezeld van donder en bliksem (Sinaï) of in de Stilte. De Deutero Jesaja tekst kondigt een  boodschap van troost van God aan. De slavendienst is voorbij. Een stem roept dat er overal veranderingen zullen optreden als er een weg gebaand wordt voor de Heer. En een stem, gedesillusioneerde stem  antwoordt, wat zal ik roepen in deze ellendige tijd. Dan worden de vreugdebode Sion en Jeruzalem  gestimuleerd hun stem met kracht te verheffen en niet angstig te zijn. Troost is hier, geen 'het komt wel goed, zo erg is het niet'. Het is een oproep  om niet bij de pakken neer te gaan zitten. Nee, om in eigen leven te veranderen; en als velen dat doen, zullen er veranderingen optreden. Dat kan alleen als mensen opstaan, hun stem (3x /NBV 5x.) verheffen en oproepen tot veranderingen.

In het nieuwe/tweede testament gebruikt Lucas, de tekst van Jesaja 40.1-11. Hij schrijft Johannes de Dooper deze oproepende stem tot verandering toe. Het is niet een troostende stem. Het is een stem die oproept tot ommekeer in gedrag door om te zien naar je naaste, materieel, maar ook in je dagelijkse handelswijze. De troost(er) is hier de Geest van God, die op Jezus is neergedaald bij zijn doop. Deze Geest wordt met vuur aan zijn leerlingen doorgegeven doorgegeven bij de Pinkster ervaring. En symbolisch, via de doop, aan allen die Jezus willen proberen na te volgen. Verschillende kerken hebben in de loop van de geschiedenis de volwassen doop tot kinderdoop teruggebracht. En rituelen bedacht om op volwassen(er) leeftijd, de kinderdoop voor eigen verantwoording te nemen.

Als vreugdeboden worden hier keer niet Sion of Jeruzalem aangeduid, maar Jezus. Jezus zal degene zijn die, met kracht, angst en lijden zal verzachten. Dit kan als mensen geloven dat verandering in hun situatie mogelijk is, middels Jezus voorbeeld. Hij zal niet het kwaad uit de wereld bannen of de Romeinen verdrijven. Johannes verwacht nog dat Jezus degene zal zijn die het kaf van het koren zal scheiden. Maar deze gebeurtenis, die ook later door zijn leerlingen nog verwacht zal worden, als Jezus' spoedige (apocalyptische) terugkomst, is tot op heden niet gebeurt. Jezus, kwam in actie en wist zijn leven te leven in het krachtveld van de Geest. Hij heeft, de stem gehoord, zijn roeping aanvaard. Hij heeft mensen niet alleen opgeroepen tot verandering, maar is daarin ook voorgegaan. Hij heeft laten zien dat haat, vooroordelen, uitsluiten van mensen niet veel goeds teweeg brengen. Maar dat liefde in het kader van de 10 woorden/geboden veranderingen teweeg kan brengen. Dat het anders kan en dat er andere mogelijkheden zijn. Hij leerde mensen opstaan. Al moest hij dat, net als Johannes, lijfelijk met de dood bekopen.

Ook nu in deze heftige tijden van oorlogen, terreur, de schreeuwen in de wereld van slachtoffers en vluchtelingen, milieu vervuiling en opwarming van de aarde gaan er weer allerlei geruchten over het 'einde der tijden' dat nabij zou zijn. Zulke geruchten kunnen verlammend werken, maar ze kunnen ook aanzetten tot tegenspraak van mensen die trachten op te staan om mee te werken aan rechtvaardige verhoudingen. Tot stemmen die oproepen tot respect en acceptatie, tot ontmoeting van mensen die eigenlijk niet tot de dagelijkse kennissen kring behoren. Zij kunnen zijn als stemmen in de woestijn van de hedendaagse samenleving.

Er zijn vele Joden, Christenen en Moslims, maar ook 'niet gelovigen' die proberen hun stem te laten horen, dat het anders zou moeten, zou kunnen, dat veranderingen mogelijk zijn. Al zijn er ook veel vragende stemmen zoals: wat te doen t.a.z. van de politiek in het Midden-Oosten, hoe de vele oorlogsvluchtelingen menswaardig op te vangen, wat te doen met vluchtelingen die hun land om economische reden hebben verlaten, en hier geen asiel krijgen, wat te doen met die mensen, die deze mensen als illegaal aanduiden, slechts node van bed, bad en brood willen voorzien, of gevangen zetten, als zij niet of nog niet vrijwillig naar hun land van herkomst willen/kunnen terugkeren. Veel vragen ook voor de bewindslieden. In doorsnee is op hun beslissingen weinig directe invloed. Wel is het mogelijk hen op allerlei manieren impulsen te geven, die hun meningsvorming en beleid kunnen beïnvloeden. Daarnaast is het van belang in eigen omgeving te zien wat jouw hand vindt om te kunnen doen.

Hoe is dat in geloofsgemeenschappen? Krijgen gelovigen handvatten, troost en bemoediging, om via vorming, toerusting en vieringen en gezamenlijke initiatieven mee te werken aan veranderingen, die nu nodig blijken te zijn?  Zijn er stimulansen om niet alleen vanuit of in eigen geloofsgemeenschap daar aan trachten te werken, maar samen met anderen in eigen omgeving of via de sociale media wereldwijd. Worden mensen in geloofsgemeenschappen toegerust om tegenwicht te bieden aan stemmen die angst en haat ten aanzien van vluchtelingen, joden en moslims aanwakkeren, die nationalisme aanwakkeren en grenzen willen sluiten voor vluchtelingen,

Er zijn veel veranderingen nodig. Veranderingen kunnen opgang gebracht worden door individuen, maar vooral ook als velen hun stem verheffen en er aan meewerken naar eigen gaven en vermogen. Waar aan meegewerkt kan worden is een keuze, afhankelijk van eigen gave en mogelijkheden. Niemand kan alles aanpakken, noch individueel noch als groep. Inspiratie en inzet zijn nodig, ook het incasseren van tegenslagen. Christenen kunnen daarbij steun hebben aan het teken en zegel van de doop dat zij ontvangen hebben. Zoals Jezus, gedreven en vergezeld van de Geest van God, zijn levensweg kon vervullen tot in zijn dood, daarin is voorgegaan.

Héleen Broekema (TWG).

Mensen gevraagd.

Mensen gevraagd om de vrede te leren
waar geweld door de eeuwen model heeft gestaan.
Mensen gevraagd die wegen markeren
waarop alles wat leven heeft verder kan gaan.

Mensen gevraagd om hun nek uit te steken
voor een andere tijd en een nieuwe moraal.
Mensen om ijzer met handen te breken
ook al lijkt het ondoenlijk en paradoxaal.

Mensen gevraagd om hun stem te verheffen,
verontrust door een wapen dat niemand ontziet.
Mensen die helder de waarheid beseffen
dat wie mikt op een ander zichzelf ook beschiet.

Mensen gevraagd die in naam van de vrede
voor behoud van de aarde en al wat daar leeft
wapens het liefst tot ploeg willen smeden
voor een oogst die aan allen weer overvloed geeft. 

(Coert Poort. Bron: En alle angst voorbij, uitg Kerk en Vrede)