12 juli 2015

4e zondag van de zomer 12 juli 2015

Enige gedachten bij: Jes.52.1-6, Ps 85, (Ef.1.1-14), Mc.6.6b-13 voor zondag 12 juli 2015, 4e zondag van de zomer. Kerk&Vrede.
Christenen worden geroepen op weg te gaan of onderweg zijnde, contacten te leggen met onbekenden en levensperspectief aan te bieden aan hen die perspectief zoeken. Zij doen dit niet op eigen kracht, maar weten zich gesteund door het krachtveld van de Geest.

Inleiding:
De wereld is een dorp geworden. In deze zomermaanden gaan velen bepakt en gezakt met vakantie en zijn welkom als toeristen in comfortabele onderkomens. Anderen zijn zonder bagage op de vlucht opgepropt in kampen of op weg naar een imaginair land van belofte, uitgebuit door smokkelaars, in wankele boten met veel te veel mensen bijna verdronken, veelal niet welkom in Europa, of worden als illegalen in Nederland nog steeds zonder strafblad gevangen gezet voor uitzetting. Als dat niet lukt worden ze geklinkerd, met de kans weer gedetineerd te worden. Dit alles nog steeds, naast de toegezegde bed, bad en brood regeling!

Jesaja doet een oproep aan  Sion, Gods voorschriften weer in het vizier te krijgen in hun doen en laten. De teloorgang van Jeruzalem in het verleden was te wijten, volgens andere teksten van Jesaja, aan het feit dat het volk verdeeld was en geen recht betrachtte. Recht betrachten heeft altijd concreet te maken met omzien naar elkaar en met name naar de arme, de vreemdeling en onbekende mensen waarnaar vooroordelen uitgaan of die niet geaccepteerd worden in bepaalde kringen of in de hele samenleving.

In de Marcus lezing, krijgen de 12 leerlingen de opdracht 2 aan twee op stage te gaan. Om Jezus voorbeelden te trachten in praktijk te brengen. Zij gaan op weg en doen ervaring op onderweg. Geroepen om als leerling op weg te gaan of onderweg te zijn geldt ook nog voor Christen vandaag. We mogen levensperspectief aanbieden aan mensen die nieuw perspectief zoeken en dat doen in het krachtveld van de Geest.

 

Jes.52.1-6,

Een oproep aan Sion, de terug gekeerde ballingen, om te ontwaken. God heeft de gevangene, om niets, weer vrij gekocht. God zegt: eens zal het volk weer beseffen dan ik het ben die zegt: Hier ben ik. Of elders: Ik zal er zijn (ex.3). Dit geldt door de eeuwen heen als jullie je gevangen voelen of gevangen zijn door andere heersers of opvattingen. 

Ontwaken om andere wegen in te slaan is steeds weer mogelijk bij God.

 

Ps. 85.

Een bede tot God om als helper terug te keren en mensen weer tot  'leven' te brengen. God vergeld geen kwaad met kwaad,  beschrijft deze psalmist. De ommekeer staat in deze Psalm centraal, zowel die van mensen als van God. Dat opstaan en op weg gaan en omkeren op een ingeslagen weg, kan ook vandaag met als gevolg vrede en gerechtigheid, genade en waarheid bewerkstelligen, ook in de 21ste eeuw.

(Ef.1.1-14),
In Christus, zegt Paulus, heeft God ons vol liefde uitgekozen, om voor hem heilig en zuiver te zijn. En ons voorbestemd om in Jezus Christus, verlost door zijn bloed, zijn kinderen te worden. Dank zij Gods rijke genade zijn onze zonden vergeven. Door Christus heeft u de boodschap van waarheid gehoord, en het evangelie van uw redding, in Hem bent u gekenmerkt met het stempel van de heilige geest, die ons beloofd is als voorschot op zijn erfenis. Opdat allen die hij zich heeft verworven verlost zullen worden tot eer van Gods grootheid. Paulus baseert zijn hoop op de kracht van Christus, maar ook de de Geest, die de garantie daarvoor is. Deze kracht kan daadwerkelijk ingezet worden om te leven naar Jezus voorbeeld als strijd tegen de maatschappelijke dood.

Mc.6.6b-13.
Context: Door de houding van de mensen in zijn vaderstad, raakt Jezus geblokkeerd. Er kan bijna geen kracht van hem uitgaan

6b.Jezus gaat daarna rondtrekken in de dorpen in de omgeving. Dan zendt hij zijn 12 leerlingen uit om zelfstandig aan het werk te gaan. Daarvoor geeft hij wel enige voorwaarden aan: twee aan twee, niets meenemen onderweg alleen een stok, wel sandalen, geen extra kleren. Zij krijgen de macht over onreine geesten en de instructie als jullie onderdak krijgen dan kan je er blijven tot je verder reist.  Maar als er plaatsen zijn waar jullie niet welkom zijn, zoals in Nazareth, ga verder en schud het stof van je voeten. Dus ga op weg zonder ballast of strijd.

Ondanks dat ze niets voor zichzelf mee mochten nemen, namen ze wel olie mee om zieken te zalven, hen te genezen, demonen uitdrijven en al doende het goede nieuws bekend maken om mensen tot inkeer te brengen.

Hun verslag doen leerlingen in de verzen 30-31.

De opdracht van de leerlingen is hetzelfde als die van Jezus: prediken, genezen, rondtrekken, onreinheid opheffen en verder gaan als het niet gewenst lijkt (1-6a).

Demonen De leerlingen dreven veel demonen uit, zalfde zieken en genazen hen. Waar staan de demonen voor? Wat is het verband met de onreine geesten. In het Marcus evangelie zijn beide begrippen inwisselbaar. Jezus geeft de leerlingen de macht over de onreine geesten. In vers 13 staat dat ze vele demonen uitdreven.

Mensen waren op de hoogte van de verhalen over demonen in de verhalen die nu o.a.ons overgeleverd zijn in het eerste testament. Vooral in de inter-testamentaire periode krijgen demonen meer betekenis (zie Henoch en Qumram). Het werd vooral gezien als  'boze geesten' die niet overeenkwamen met de levenswijzen die, mensen als beelden God in de weg zouden staan en die in de Tora vermeld stonden. Jezus geeft daar een nieuwe invulling in.

Het programma van Jezus is duidelijk: prediken in de synagogen en in heel Galilea drijft hij demonen uit.(1.39). Voor dat programma werft hij ook zijn leerlingen (3.14-15). In 6.7. krijgen zij de macht over onreine geesten en worden op weg gezonden. Tegenwoordig zouden we zeggen: een stage.

De onreine geesten lijken zeer verschillend. De vraag kan hier gesteld worden of het niet alleen om geesteszieken ging, waar deze woorden vaak mee geassocieerd worden, maar ook om een andere visie in woord en daad op de macht van de Leer vanuit de tempel en het  Romeinse Rijk, waar denkbeelden aan ten grondslag lagen waar Jezus tegen in ging. Hij gaf in zijn leer met gezag (1.22) een andere interpretatie aan de Tora en stelde kritische vragen bij de maatschappelijke klassieke deugden – eer, heldendom, macht, kracht, potentie en de god – Keizer verering – van het Romeinse Rijk. Deze opvattingen hielden mensen gevangen in hun denken en doen. Jezus stelde daar bevrijdende daden en woorden tegenover. 

De onreine geesten lijken  zeer verschillend. In 3.23 wordt de verbinding demon – satan gemaakt. In 9.18 lukt het leerlingen niet een onreine geest uit te drijven. Deze was kennelijk zeer speciaal. Want hij maakte de zoon sprakeloos. De beschrijving duidt hier op een ziekte, als een epileptische aanval. Maar een onreine geest, die sprakeloos maakt kan ook verstijven cq. onvruchtbaar maken, zoals de verhalen over het verdorde zaad, de verdorde vijgenboom of de verstijfde hand.

Al met al gaat het dus meer over ongerechtigheid in de mens, als geschapen beeld van God. En de opdracht aan de leerlingen bevrijdend te werken. Dat wil zeggen mensen weer een levend leven aan te bieden. In Jesaja wordt Sion opgeroepen zich om te keren. In het tweede testament gaat het uiteindelijk om Jezus die de 'demonen' heeft over wonnen door zijn bevrijdend handelen in zijn leven, sterven en opstanding. Opdat wij Leven.

Op weg gaan en op weg zijn'. Op weg gaan zonder persoonlijke bezittingen. We zouden nu daarbij kunnen zeggen zonder eigen vooroordelen, leergezag etc, maar met een open mind om de ander te ontmoeten, een luisterend oor, gastvrijheid.

Bij de opdracht van de leerlingen gaat het er om, om in denken en doen de mensen bij te staan ongezien hun sympathie en antipathie voor anderen. En door hun werkwijze laten zien dat aan elke mens aandacht besteed mag worden, ook als deze door anderen uitgesloten / uitgestoten werd. Alzo deed Jezus. In het begin alleen voor mensen in en nabij de synagogen, maar later ook voor niet tot de joodse gemeenschap behorende ' buitenstaanders en buitenlanders' die op zijn en de leerlingen hun pad kwamen.

Geloofsgemeenschappen zijn tegenwoordig vaak samengesteld uit mensen met diverse denkbeelden. Door op te trekken met elkaar en ervaringen en meningen te delen in viering en leerhuis kan dit ten goede komen aan de samenleving en een hechtere opbouw van eigen gemeenschap.

Voor leerlingen vandaag gaat het erom niet alleen voor hun eigen geloofsgemeenschap aandacht te hebben en te proberen op wat daar gehoord en geleerd wordt te trachten in de eigen levenspraktijk door te laten werken.  Maar ook te trachten met elkaar, in dat kader, te bezien wat er aan onrecht is in economie en politiek en te analyseren welke gedachten daar aan ten grondslag liggen. Om daarvan uit te bezien of er vanuit de geloofsgemeenschap meegewerkt kan worden aan verandering. Als eerste kan er natuurlijk geholpen worden onder protest. Er moet, via een voedselbank bijv. brood op de plank komen, of even een lening gegeven worden als al maanden een PGB nog niet is uitbetaald.  Een geloofsgemeenschap zal ook met elkaar op weg kunnen gaan, of al onderweg zijn, om telkens weer te bezien welke mogelijkheden zij heeft om in te spelen op veranderingen in het maatschappelijk leven en welke gedachten daaraan ten grondslag liggen met de consequenties voor zichzelf en anderen. Daarbij zal ze zich niet alleen in eigen gemeenschap moeten in zetten, maar juist uitgaan van de mogelijkheden om te participeren in samenleving, in eigen  buurt met andere organisaties. Aansluiting zoeken of zelf initiatieven nemen, wat in eigen context mogelijk of noodzakelijk is. Waarbij uitgegaan wordt hoe zoveel mogelijk mensen in de buurt bij gezamenlijke activiteiten te betrekken. De bijgebouwen bij een kerk kunnen vaak heel goed dienen voor wijkbijeenkomsten of plaatsen waar gemeenschappelijke maaltijden, huiswerkbegeleiding worden georganiseerd voor heel de buurt. Er kan een plek gecreëerd wordt waar mensen dagelijks kunnen binnen lopen om even op adem te komen of anderen te ontmoeten. Waar een mogelijkheid zou kunnen zijn om hand en spandiensten met elkaar te ruilen en mensen die het nodig hebben een maatje kunnen vinden voor: ondersteuning bij de Nederlandse taal of om samen een ommetje te maken etc.

De 12 uitgezonden leerlingen vormden het begin. Zij kwamen weer bij elkaar om hun ervaringen te delen en zijn zelfstandig doorgegaan in het krachtveld van de Geest. En nu zijn er ontelbare leerlingen die nog steeds de zelfde opdracht hebben: op weg te gaan, te trachten perspectief aan te bieden, daar waar nog geen wegen zijn, in hun maatschappelijke context.

Héleen Broekema (TWG)  

Mensen gevraagd.

Mensen gevraagd om vrede te leren waar geweld door de eeuwen model heeft gestaan. Mensen gevraagd die de wegen markeren waarop alles wat leven heeft verder kan gaan.

 

Mensen gevraagd om de noodklok te luiden en om tegen de waanzin de straat op te gaan. Mensen gevraagd om de tekens te duiden die alleen nog moedwillig zijn mis te verstaan.

 

Mensen gevraagd om hun nek uit te steken voor een andere tijd en een andere moraal. Mensen om ijzer met handen te breken ook al lijkt het ondoenlijk en paradoxaal.

 

Mensen gevraagd om hun stem te verheffen verontrust door een wapen dat niemand ontziet. Mensen die helder de waarheid beseffen dat wie mikt op de ander zichzelf ook beschiet.

 

Mensen gevraagd die in naam van de vrede voor het behoud van de aarde en al wat leeft wapens het liefst tot een ploeg willen smeden voor de oogst die aan allen weer overvloed geeft.

Mensen gevraagd. Dringend mensen gevraagd. Mensen te midden van mensen gevraagd.
Coen Poort.