8 maart 2015

3e zondag van de 40-dagentijd 8 maart 2015

Jezus wordt kwaad vanwege de geldwisselaars in de tempel. God en Mammon dienen in het huis van zijn vader, dat kan niet.     In naam van religie worden tegenwoordig allerlei wetten opgelegd en oorlogen gevoerd, die suggereren bevrijding te bewerkstelligen. Machtsvertoon uit onmacht?

Ex. 20.1-17, Ps.19. 8-15, Rom.7.14-25, Joh.2. 13-22(25)
8 maart 2015. Oculi, de 3e zondag in de 40 dagen tijd.

Inleiding: Het woord is vlees / mens geworden en heeft bij ons gewoond (1.14), schrijft Johannes. (1.18). Hij getuigt van de doop van Jezus als een verbinding tussen hemel en aarde (1.32). Jezus kiest zijn eerste leerlingen uit. Dan volgt een verhaal over een tweede verbinding, een bruiloft. Dit doet denken aan verschillende teksten uit het eerste /oude testament, waar God de bruidegom is en Sion/ Israël de bruid. Johannes lijkt dit te vergelijken met water. Het gevolg van Jezus boodschap zal zijn als 6 vaten vol wijn, Israël inclusief de volken. Zeven vaten zouden zijn als volmaakt. Dat is het dus net niet. Het is de afspiegeling van een nieuwe verbinding, een nieuw verbond. In de tekst voor deze zondag gaat Jezus voor Pesach, het feest van de herdenking van de bevrijding/uittocht uit Egypte; naar Jeruzalem. Op het tempelplein, ziet hij de verbinding tussen economie, tempelpolitiek en godsdienst. Twee goden die gediend worden, deze verbinding moet verbroken worden, wil Gods woord bevrijden en onder alle mensen kunnen gaan wonen. De wet is door Mozes gegeven, maar goedheid en waarheid zijn door Jezus gekomen, zegt Paulus. Jezus Christus heeft de wet anders leren interpreteren. En zodoende door zijn praktijk, als de enige zoon van God, God doen kennen, als bevrijder van alle mensen. Het is de opdracht van zijn volgelingen bevrijding te bewerkstelligen, niet van de Romeinen, maar door liefde tot God en de naaste als zichzelf, in woord en daad . Dit in het krachtveld van Gods Geest die, tot Jezus wederkomst, overgedragen is aan zijn leerlingen. Mensen gedoopt met water en Geest, leden van geloofsgemeenschappen zijn als navolgers van Jezus, geroepen tot het bewerkstelen van gerechtigheid, duurzaam leven voor de gehele schepping, en zodoende tot het bevorderen van een vrediger samenleven.

Ex. 20.1-17. Het verhaal gaat dat God de slaven, de nakomelingen van Jacob, bevrijd heeft uit Egypte en een verbond met hen gesloten heeft. Hij heeft hen geen geboden, maar richtlijnen gegeven. Richtlijnen om te leven als bevrijde mensen, niet alleen zelf, maar samen met personeel en de vreemdelingen. Houdt mij in ere als jullie bevrijder, door geen andere goden, idolen, achterna te lopen of te vereren. Want dan zullen die jullie gaan be- of overheersen.

Als een veldheer, in de oudheid, een volk overwonnen had en mensen onderwierp, sloot hij, met groot vertoon, een vredesverbond met hen. Als mensen zich aan dat verbond hielden, zou hen niets overkomen. Waarbij ook vaak vermeld werd dat de overwinnaar nu als god vereerd diende te worden. Zie hiervoor ook de verhalen in de Makkabeeën tijd over de keizer en zijn beeld in de tempel van Jeruzalem.

Er staat dan ook geschreven, ik ben de Heer, uw God. Een klassieke aanhef dus, maar nu gebruikt door de nakomelingen van Jacob, die zich, in latere tijden, gingen afvragen waar hun godsdienst op gebaseerd was in tegenstelling tot wat zij rond om hen zagen aan godenverering. Hun God werd ervaren als een ware bevrijder, daarover vertelde mensen elkaar de verhalen van Egypte, Mozes en het volk, generatie na generatie. Deze werden langzaam op schrift gesteld. Zij hebben tot op heden gediend voor de Joden om, ondanks alle vervolgingen, een volk, als volk te blijven. Deze 10 bevrijdende woorden zijn in details uitgewerkt. Uitwerkingen zijn beschreven in de Tora. Zij worden tot op vandaag nog geïnterpreteerd in het licht van de ethische contexten en levensvragen. Zo ontstonden Misjna, Talmoed en vele commentaren daarop. Definitieve ethische beoordelingen kunnen, ook vandaag nog, alleen gefiatteerd worden door geleerde mannen in Jeruzalem. In sommige perioden waren de regels scherper dan de leer. Dit lijkt ook het geval in het verschil tussen de interpretatie van de verschillende stromingen van Tora geleerden en de visie van Jezus, zoals beschreven in het tweede/nieuwe testament.

De 10 woorden zijn richtlijnen geworden voor Christenen. Ook de Koran bevat teksten ervan.

Joh.2. 13-22(25) Ten tijde van Jezus bepaalde de Farizeeën en Schriftgeleerden en Sadduceeën, vanuit verschillende opvattingen, wat al of niet zonde was volgens de Tora. Ze onderdrukten met al hun regels het volk. Bovendien leken ze te proberen goede maatjes te zijn met de Romeinen. De tempel was, in die tijd, naast het religieuze bovendien het economische hart van Jeruzalem. De tempel had zijn eigen munt systeem. Pelgrims, en allen die de tempel bezochten, moesten eerst geld wisselen en daarna konden zij hun offergaven kopen. Zoals in vele heidense tempels was de handel voor de offergaven verhuisd naar het tempelplein, de voorhof van de heidenen.

Johannes schrijft zijn evangelie, op het eind van de eerste eeuw. De Tempel was toen allang door de Romeinen verwoest. De nieuwe blijde boodschap van Jezus was al verspreid in de toen bekende wereld. Johannes laat de Tempelreiniging plaats vinden op de eerste Pesach van Jezus' openbare optreden. Marcus en Matheus beschrijven deze gebeurtenis in samenhang met de Intocht in Jeruzalem en de verdorde vijgenboom..(Mc.11.15-20, Mt. 12-17). Ook Lucas beschrijft dit na de Intocht, maar dan zit Zacheus in de vijgenboom. Johannes is de enige die niet alleen beschrijft dat Jezus de handelaren verdreef, maar dat hij dat doet door een zweep/ gesel te maken. Het lijkt erop dat Johannes hier refereert aan Jesaja 10.26. De ander evangelisten beschrijven de scheur van het voorhangsel van het heilige der heilige in de tempel als Jezus op het kruis de geest geeft (Mc. 15,38, Mt.27.51, Lc. 23,45). Johannes beschrijft dit niet. Johannes beschrijft hier al dat er, door middel van Jezus, een 'scheur', een verandering, komt in de interpretatie van de godsdienst. Hij illustreert door middel van de tekenen, werken en de 'Ik ben' woorden, steeds het meer bewust worden van de leerlingen dat Jezus de verbinding is tussen hemel en aarde. Hij gebruikt hiervoor de woorden: 'opstijgen' en 'neerdalen'.

De te lezen Johannes tekst bestaat uit 2 delen.

Het eerste gedeelte (13-18) vertelt over de boosheid en agressie van Jezus over het bedehuis van zijn Vader, waar de voorhof tot een marktplaats is geworden. Er wordt hier geen verband beschreven met de intocht, maar met de profetische traditie (Amos, Jesaja, Jeremia). Waarmee Johannes wil aantonen, dat deze Jezus de eind-tijdelijke beloofde profeet is. Deze zal een eschatologische omkering van boete en vernieuwing bewerkstelligen. Pas na PASEN zal dit, de leerlingen, duidelijk worden. Het gaat hier niet om kritiek op de religie, maar om de praktijk van het oneigenlijk gebruik maken van het tempelcomplex, naar voorbeeld van heidense tempels. God dienen en de mammon gaan niet samen. Volgens Amos 5,21-25, Jer.7,3 vv en Zach 14,21 zal bij de komst van de Messias de tempel weer geheiligd worden, er zullen daar geen handelaars meer aanwezig zijn. Er wordt geen reactie beschreven op Jezus' daad, door de tempelpolitie. Wel van anderen.

De leerlingen dachten aan Ps.69.10.

De Joden vragen naar een teken van zijn volmacht, zijn papieren, om zo op te treden.

Jezus' antwoord in het tweede gedeelte (19-22) van deze tekst is onbegrijpelijk. Hij spreekt over de afbraak van de tempel, als die van zijn lichaam, en de opbouw in drie dagen. De tempel zal vervangen worden, door Gods aanwezigheid onder alle volken. Zo schetst Johannes hier, na zijn inleiding direct waar het omgaat, nu het woord vlees/ mens geworden is.

In de context was op de bruiloft van Kana, de beste wijn voor het laatst – de toekomst. Door Jezus' optreden worden zijn leerlingen zich langzaam bewust van verandering door alles wat ze gezien en gehoord hebben.

De omstanders volgen Jezus en zullen in eerste instantie hem volgen vanwege zijn uiterlijke teken en werken.

De tempelgeleerden voelen zich bedreigd, maar reeds bij één van hen ontstaat een scheur in zijn opvattingen. Nikodemus durft alleen in de nacht, vanuit de Nacht, Jezus verheldering te vragen. Aan Nikodemus legt hij uit dat niet alleen water een mens tot gelovige maakt, maar dat leven vanuit de geest daarbij een cruciale rol speelt.

 

Rom.7.14-25, Paulus schrijft zijn brief (56) aan de gemeente van Rome, eerder dan Johannes (90) zijn evangelie. Paulus spreekt tot mensen die de samenvatting van de 10 woorden (mat. 22.37-40) tot hun wet hebben, als richtlijn voor een leven van recht doen aan zichzelf en de naaste. Door inzicht in de deze leefregels, vanwege de interpretatie van Jezus, is Paulus zich bewust geworden van zijn eigen zonden. Zijn verkeerde interpretatie en de religieuze ijver, die tot de zonde van de vervolgingen van de navolgers van Jezus had geleid, heeft hem misleid en bijna de dood gekost. Jezus' kruisdood heeft de mensen bevrijd. Hij heeft de zonde op zich genomen. De wet van de Geest (8.1) heeft de navolgers van Jezus, in Rome, bevrijd van de wet van de zonde en de dood. Elk mens wil het goede doen, maar of het altijd goed uitpakt is een tweede. Paulus heeft het niet over de erfzonde, dat is een interpretatie van Augustinus.

 

Ps.19. 8-15,De volmaakte wet van de Heer, als levenskracht voor ieder mens.

Kwaad 
Kwaad heeft heel veel verschillende interpretaties. Ik noem er enkele.
Kwaad worden/ zijn: boos, toornig, nijdig, misnoegen wekken, slecht gedrag tozv de zedenleer, zwakte, schadelijk, hinderlijk,
kwetsen. kwaad stichten, slechte bedoelingen hebben.
Kwaad willig, kwaadaardig, kwaad doen. Bijbels wordt dit aangemerkt als zonde: foute keuzes maken, verbreking van het verbond, overtreding van een goddelijke wet, een andere stem gehoorzamen dan die van god . Het gaat dan om schuld of het gevolg van een misstap, de weg kwijtraken, een relatie verbreken, al dan niet ivm de menselijke wil. Kwaad kan het gevolg zijn van een macht die van buiten komt, waarvoor mensen bezwijken. Het kan ook het resultaat zijn van onmacht gevoelens.

Als gevolg van een gevoel:
Het gevoel dat jou of de maatschappij iets wordt aangedaan kan onmacht geven, kwaad maken tot verzet leiden, al of niet gewelddadig. Het gevoel er niet bij te horen, waarbij ook religieuze en culturele motieven een rol kunnen spelen, met als gevolg psychische problemen, terugtrekking in eigen schulp of opstandig worden.

Jezus maakt zich kwaad, omdat hij ziet dat het huis van zijn vader tot een marktplaats is verworden. Hij maakt zich zelfs zo boos dat hij een zweep maakt. Hij is dus echt kwaad, toornig. Een gemoedstoestand die niet vaak van Jezus beschreven wordt. Ondanks zijn agressie verwondt hij de mensen niet, maar jaagt ze weg. Dat schept wel angst bij de mensen. God dienen en de mammon gaan niet samen.

Paulus heeft mensen vervolgd en aangebracht in naam van zijn idee over de uitvoer van de 'Wet van Mozes'. Hij ziet dit na zijn omkeer als zonde tegen de wet, zoals samengevat door Jezus.

Het gevoel als land overvleugeld te worden door een andere macht, kan tot radicalisering en verzet leiden. Zoals al 30 jaar bijvoorbeeld het Midden-Oosten, waar groepjes rebelleerden tegen de dictators. Daarna langzamerhand een onderlinge strijd tussen verschillende opvattingen van moslims onderling. Later kwam er ook protest tegen de invloed van het 'Westen'. Dit kreeg een etiket Islam t.o. Christendom.

Het gevoel wat zonde is, als interpretatie van de tien woorden is veelal tijd gebonden. Kwaad of zonden worden in verschillende contexten of levenssituaties anders geïnterpreteerd. Denk maar bijvoorbeeld aan het niet mogen fietsen op zondag of het stiekem snoepen uit het vastentrommeltje. Deze zonden zijn nu geen punt. Een punt is wel dat door de invloed van de neo-liberale economische opvattingen er een 24 uurs economie is. Alles moet uitgedrukt worden in geld. De laatste tijd worden sommige mensen zich weer bewust het rustiger aan te moeten gaan doen. En dat een andere economie gewenst zou zijn. In elke religie is waar te nemen dat uiterlijke zaken in wezen niets met geloof en liefde te maken hebben

Een ander kwaad  , vanuit onmacht en onbekend, is tegen elkaar opstaan, elkaar verketteren, vooroordelen hebben, negeren, andere gewoonten afkeuren, geen respect hebben voor andere opvattingen en niet vragen naar motieven. Mensen, leven vaak in twee werelden. Voor moslim jongeren komt vaak wat op school geleerd wordt niet overeen met de religieuze of culturele opvattingen thuis. Jongeren moeten vanuit deze situaties, hun eigen weg leren vinden in de samenleving. Komen bij christelijke jongeren opvattingen van school en thuis niet met elkaar overeen, dan is meestal in de opvoeding plaats voor inzicht waarom de ouders andere opvattingen hebben. In het maatschappelijk verkeer is dat niet gemakkelijk, omdat er vanuit gegaan wordt dat de 'zuilen' zijn opgeheven en iedereen zich moet conformeren aan algemene standpunten.

Was jaren het kwaad door rebellen en oorlogen voor velen alleen iets ver weg gerapporteerd door de media. Door IS en hun acties in Europa, de strijd in Oekraïne en de politieke ontwikkelingen in Griekenland, Frankrijk, Spanje en Portugal, maar ook de toename van de sympathie voor de PVV komen angst en onmacht hoe langer hoe dichterbij. Wat nu als kwaad ervaren wordt is nog niet eens zozeer de oorlogen en wat voor ernstig kwaad, angst en schade de verschillende legers en rebellen teweeg brengen, maar de aantasting van de vrijheid van meningsuiting in Europa, met name door de aanslagen en de dreigingen. Door de opeenvolgende berichtgevingen worden mensen bang en voelen zich onmachtig. Er wordt geroepen om steeds meer beveiliging, wapens, politie en marechaussee inzetwapens. Daarnaast in eigen omgeving, de gevolgen van de participatie wet voor de zorg, de toenemende armoede bij de middenklasse door werkloosheid met als gevolg huurschuld etc.

Bij het waarnemen van kwaad, angst en onmacht in welke vorm dan ook is het van belang eerst, met elkaar, de oorzaken te zoeken en bij de naam te noemen. In plaats dat er steeds meer scheiding gemaakt wordt tussen wij – zij, haat gezaaid wordt en vijandsbeelden gecreëerd. Na inzicht kan pas getracht worden plannen te maken voor veranderingen. Niet bedacht vanuit ivoren torens, maar samen met mensen die het betreft. Dat geldt zowel persoonlijk, plaatselijk als wereldwijd. Alleen in eigen context is het voor de meeste mensen mogelijk hieraan een steentje bij te dragen.

Hoe zouden geloofsgemeenschappen hiertoe kunnen bijdragen in eigen context.

Wat is haar strategie: zich terugtrekken op eigen terrein en slechts aandacht besteden aan huisgenoten van het geloof? Of juist vanuit haar missionaire opdracht, nagaan waar het aanwezig zijn in de samenleving, gezien de problematiek vandaag, noodzakelijk is.

Het is de derde zondag in de 40 dagen tijd. Een tijd van bezinning. Afgelopen vrijdag was er de wereld gebedsdag, met als thema: 'Begrijpen jullie mijn liefde'. De komende woensdag staat in vele kerken de biddag voor gewas en arbeid op de kalender. Tegenwoordig wordt hier veelal aandacht besteed aan het leven in de eigen geloofsgemeenschap, aan de economie, actualiteiten en de wereld in het algemeen. Bidden is van belang.

Dit jaar zijn er veel zorgen in eigen omgeving en conflicten in de wereld, die ons ook niet ongemoeid laten en onzekerheid, angst en onmacht en verzet met zich mee brengen. De problematiek is niet eenvoudig. Heel de wereld is erin betrokken. Onmacht en angst is overal te merken in de samenleving. Aan de grote politieke vraagstukken kunnen de meeste mensen niets doen, behalve samen bekijken wat de oorzaken zijn en af en toe gebruik maken van stem gedrag. Bidden en stemmen is niet voldoende. Het gaat erom ook te streven naar liefde en gerechtigheid, de eigen samenleving komt dan als eerste in vizier. Wat zijn de oorzaken en/ of gevolgen van alle problematiek in eigen omgeving. Hoe kunnen we als geloofsgemeenschap initiatief nemen of samenwerken met anderen aan de problematiek die in eigen omgeving speelt. Door mensen samen te brengen, elkaar leren kennen, en vanuit verschillende achtergronden eerst luisteren naar elkaars verhalen en (religieuze) motieven. Aandacht voor anderen en onbekenden kan gevolgen hebben ook voor toekomstige samenleving met mensen van verschillende afkomst en nationaliteiten.

De Iraakse bisschop Mirkis, onlangs op bezoek bij Kerk en Vrede en de Raad van Kerken zei over jonge Europeanen die zich aansluiten bij IS: ''Wij dienen te analyseren, waarom deze mensen bereid zijn te doden. En bereid zijn zelfs te sterven. Zij zijn veelal zonen uit de suburbs van jullie grote steden. Zij hebben geen toekomst, geen hoop. Ze hebben niets te verliezen. Op zulke jongeren mikt IS”. Hij voegde er aan toe:'als jullie niet humaan weten om te gaan met jullie Moslim immigranten, betalen wij, zoals op het moment al gebeurt, de rekening. De problematiek van Moslim immigranten zal niet direct in elk dorp of wijk spelen. Maar bijv. wel weer die van vluchtelingen in AZC of die gehuisvest worden in de omgeving, armoede, voedsel banken etc. Helpen waar geen helper is, al is het onder protest. Maar dan ook duidelijk maken waartoe dat protest of verzet dient.

Mensen in een geloofsgemeenschap kunnen zich evenals anderen heel onmachtig voelen. Iedere keer weer is het van belang elkaar te herinneren aan haar opdracht haar volmacht, om vanuit haar geloof, hoop en liefde te verspreiden, en onrecht te bestrijden, zonder aanzien van personen, zoals Jezus daarin is voorgegaan.

Héleen Broekema (TWG)

 

Verschillen zijn niet bedoeld, om voor verdeeldheid te zorgen of om afstand te scheppen. We verschillen juist van elkaar om te beseffen dat we elkaar nodig hebben.

Desmond Tutu.

 

 

 

 

 

Er moet niet vergeten worden de de bevrijdende leefregels oorspronkelijk gegeven voor Israël. Ook geleden voor Christenen samengevat door Jezus als:

Je naaste liefhebben als jezelf, geldt niet alleen voor bekenden, maar ook voor hen die in onze nabijheid wonen, arme, werkloze, of zij die vreemdeling zijn. Een groot gedeelte van deze leefregels staan ook in de Koran.

De contextuele inzet kan heel divers zijn: opvang van vluchtelingen, meewerken aan voedselbanken, protesteren tegen het nog altijd opsluiten van 'illegalen', meewerken aan de bed, bad en brood voorzieningen die er nu overal moeten komen voor mensen die (nog) illegaal zijn, maar vooral voor hun begeleiding opdat zij kunnen werken aan een toekomst, hoe en waar dan ook.

Het is mensen eigen dat onbekende onbemind zijn, dat door angst, onwetendheid en onmacht zondebokken en haat gecreëert worden. De ene keer zijn het Joden, dan Communisten, Molukkers, nu zijn het 'Moslims' en voor Moslims weer Joden, vanwege het conflict tussen Palestina en Israël.

Conlicten gestoeld op ideologische gronden zijn er door de eeuwen heen geweest. Bij de kruistochten ging het in wezen om uitbreiding van land vanwege de toenemende adel. In Spanje leefde de joden, moslims en katholieken gewoon samen. In de cultuur zijn nog overblijfselen van joodse en moslim motieven in een gebouw. De katholieke vorst en vorstin hadden land nodig. Dus probeerde ze de joden als eerste te bekeren. De Paus gaf zelfs in 1467 zijn fiat aan een inquisitie. Toen de bekeringen niet veel succes hadden kwam er een wet (1492) dat alle Joden Spanje moesten verlaten. Ook de tachtigjarige oorlog ging niet om godsdienstige, maar om economische belangen. Evenals de strijd tussen de Protestanten en Katholieken in Noord Ierland.

Voor Bush was 9/11 de aanleiding om de 'war on terror' af te kondigen. Dat geweld beantwoorden met geweld heeft tot op heden gewelddadige gevolgen.

Op het moment wordt er vooral gesproken over IS. IS komt niet uit de lucht vallen. Het is één van de vele groeperingen in het Midden-Oosten, die opstaan tegen de westerse sublimatie. Het westen is 'christelijk', zij gebruiken nu de islam om land, kalifaten, te bemachtigen voor hun strijd. Het doel van de verschillende verzetsgroepen is niet zozeer de godsdienst, als wel het eigen territorium. IS is zeer geavanceerd in wapengeweld, maar gebruiken ook op een professionele manier de wereldwijde media om vooral jongeren, bij hun strijd te betrekken. Ze trachten hen te overtuigen van deze zaak als een goede zaak, evenals sommige Imans. Jongeren, zelfs met een goede baan, worden er door aangetrokken, omdat zij zich op de een of andere manier zich toch niet zo thuis voelen in het land waarin zij nu leven.

Door de invloed van IS op de media, zijn andere terreur groeperingen die veel slachtoffers maken onder het mom 'een zuivere Islam' te bewerkstelligen, minder in beeld.

Wat kunnen we met deze wereldwijde problematiek in onze geloofsgemeenschappen.

Daarnaast is ook belangrijk te bezien wat in eigen leef omgeving mogelijk is en al gedaan wordt om het samenleven voor alle bewoners leefbaar te maken en te behouden. De gaven en mogelijkheden vanuit de geloofsgemeenschap kunnen worden ingezet om daaraan mee te werken. Een eerste verzet, is het probleem helder te benoemen. Daarnaast is voorlichting over politiek, economische en historische achtergronden van essentieel belang. Het gaat om een multiculturele uitvoering.

Wat zonde is naast de tien woorden is veelal tijd gebonden. Was in mijn jeugd fietsen op zondag een zonde, dat is nu geen punt. Een ander punt is wel dat door de invloed van de neo-liberale economische opvattingen er een 24 uurs economie is. De laatste tijd worden mensen zich weer bewust het rustiger aan te moeten gaan doen. Zoals sporten, mobieltjes uit een uur voor het slapen gaan. Eerst ontbijten dan pas weer kijken enz. In wezen gaat het om ongenoegen, economische en politieke conflicten, die ideologisch, religieus, vertaald worden. Wordt er wapengeweld gebruikt dan heeft dat tot gevolg dat er veel burgerslachtoffers vallen. Oorlogsgeweld heeft verwoesting van infrastructuur, veel ellende en vluchtelingen tot gevolg.

  • Zowel Syrië als Irak hebben een lange voorgeschiedenis van dictatuur, interne strijd, van steun én boycot door het buitenland. Wie die voorgeschiedenis niet kent, kan de snelle opkomst van en de steun voor IS niet begrijpen. IS is mede ontstaan uit de verschrikkingen van oorlog, bezetting, moordpartijen, foltering. Dertien jaar van brute sancties en de invasie van 2003 door de Amerikanen hebben geleid tot de dood van ongeveer een miljoen Irakezen. De stad Fallujah viel als eerste in handen van IS doordat de bevolking alle vertouwen en hoop op een andere toekomst verloren had: Fallujah werd compleet verwoest door de Amerikanen in 2004, en de inwoners kampen als gevolg daarvan met kanker en misgeboorten. Het militair ingrijpen van de VS vond plaats zonder instemming van de VN Veiligheidsraad en op oneigenlijke gronden: de vermeende aanwezigheid van massavernietigingsmiddelen en de aanstaande mogelijkheid van Irak nucleaire wapens te fabriceren. Beide bleken niet waar. Daarbij heeft het militair ingrijpen van de VS niet geleid tot waar het de VS om zei te gaan, namelijk het vestigen van een democratie in het land waar ruimte zou zijn voor alle groepen. Integendeel. Door het optreden van de VS in Irak werd het land in een chaos gestort: de Amerikaanse bewindvoerder ontsloeg het gehele leger, dat vooral bestond uit Soennieten, een stroming binnen de Islam die in Irak in de minderheid was, maar met de steun van Saddam Hoessein de meerderheid van Sjiiten onderdrukte. Toen in 2006 de Sjiitische Al-Maliki via democratische verkiezingen aan het bewind kwam, leidde dat allengs tot steeds grotere achterstelling van de Soennieten. En het is onder deze groep, en in het bijzonder onder de ontslagen militairen, dat IS zijn aanhang vindt. Het leger van het nieuwe bewind, getraind door de VS, bleek weinig voor te stellen en weinig gemotiveerd. In de confrontatie met IS sloegen de militairen al snel op de vlucht, met achterlating van hun wapens, die door IS in dank aanvaard werden. Dit alles verklaart de snelle opmars van IS in Irak. IS maakte de oversteek naar Syrië toen dat land in een burgeroorlog terecht was gekomen vanwege het verzet tegen dictator Assad. Het verzet tegen Assad is echter verdeeld, zodat buitenlandse steun voor het verzet geen reële optie is. IS is in het geheel van de oppositie tegen Assad echter een krachtige partij. Dat heeft het Westen, dat sympathiek stond tegenover het verzet tegen Assad, en in het bijzonder de VS, in een moeilijk parket gebracht. De facto aanvaardt Obama nu met de militaire strijd tegen IS Assad als partner. Dit alles voedt in het Midden Oosten de haat tegen het Westen en de VS in het bijzonder en vergroot de steun voor IS.
  • Het probleem is echter niet beperkt tot Irak en Syrië: het conflict moet geplaatst worden in het geheel van de regio, die een bijzondere geschiedenis kent, verschillende islamitische stromingen en uiteenlopende politieke en economische belangen, intern en internationaal.

IS heeft dus veel diepere en verder reikende wortels en veel machtiger bondgenoten dan dat het eenvoudigweg ‘weg te bombarderen’ zou zijn. Integendeel: de gewapende strijd tegen IS zou wel eens heel veel nu nog sluimerende vuurtjes kunnen opstoken en kunnen uitlopen op grotere steun vanuit veel meer hoeken.

Conflicten IS, Oekraine, Israel/ Palestina, Afrika, staan in historische context. Zonder dat heeft luchtsteunen wapenleverenties geen zin. geen zin.

De verontwaardiging over geweld is terecht, maar zou, indien beter geïnformeerd, zich toch regelmatig anders moeten richten dan momenteel het geval is. Als we willen meewerken aan een oplossing, moet toch eerst de vraag gesteld worden of we niet deel uitmaken van het probleem, en daardoor oplossingen zelf doelbewust tegenhouden of minimaal in de weg staan.

Geweld wordt gezaaid

Er lijkt een blind vertrouwen te bestaan in de oplossende werking van geweld.

De verontwaardiging over het geweld van IS is groot. Terecht. Maar we moeten de vraag durven stellen, waarom die verontwaardiging vaak uitblijft bij andere vormen van geweld die regelmatig tot nog grotere aantallen onschuldige slachtoffers leiden onze norm, ons referentiepunt is de westerse blanke

Deze opsomming maakt wel duidelijk dat het al dan niet ingrijpen bij conflicten en mensenrechtenschendingen en geopolitieke belangen niet los van elkaar gezien kunnen worden.