13 juli 2014

4e zondag van de zomer 13 juli 2014

Alles wat mensen en groepen doen en ontvangen kan worden gezien als zaad.

  • welke kwaliteit en samenstelling
  • waar komt het terecht
  • wat kan het uitwerken
  • welke rol kan een geloofsgemeenschap daarbij spelen?

 

Gedachten bij Jes. 55.6-13, Mat.13.1-9, 18-23, Ps 65, voor Zondag 13 juli 2014. 4e van de Zomer.

Jes. 55.6-13, Dit laatste hoofdstuk van Deutro Jesaja. De (onbekende) schrijver roept de mensen in de Babylonische Ballingschap op tot terugkeer naar hun traditionele wortels. Door opnieuw de Heer te zoeken. Het gaat niet alleen om terug naar de Heer, maar ook naar het land. Dat is mogelijk gemaakt doordat de Perzische koning Kores – de knecht - hiervoor toestemming heeft gegeven. Tijdens de +50 jarige ballingschap was men in contact gekomen met allerlei culture invloeden. Veel van de religies rondom hadden intermediaire figuren tussen hen en de goden. Bovendien circuleerden er scheppingsverhalen. Zo ontstonden er vragen als: waar komen wij vandaan en wie is onze God. Hoe is dat zichtbaar?
Conclusie: Onze God is de schepper van Hemel en Aarde, de mens heeft er een puinhoop van gemaakt. Als we leven conform de Tora zal er een betere toekomst zijn. Zodoende ontstaat een nieuw Godsbeeld. De bevrijdende, meetrekkende God (Sinaï), de wonende God (tempel) wordt nu de scheppende God. De mens heeft, via de 'duivel', de goede schepping verstoord. Er zal een nieuw verbond gesloten worden, dan zal de wereld weer Gods vrede kennen. Als dat plaats vind zullen allen uit de diaspora in vrede terugkeren naar Jeruzalem en zal de natuur weer veranderen in een geheel vruchtbaar landschap. (→ Ps. 65). Het gewenste perspectief bleef uit. Men begon een andere 'knecht' hiervoor te verwachten.

Mat.13.1-9, 18-23, Jezus gaat vanwege de grote menigte aan de oever van het meer in een boot zitten en vertelt gelijkenissen. Deze keer van een zaaier. Zaaien ging eeuwen lang met de hand. Niet in gelijkmatige voren zoals nu met machines. Vanuit zijn schoot nam de zaaier een hand zaad en verspreidde dat van links naar rechts over een ongelijke akker. Zo kwam een deel terecht op de weg, voedsel voor de vogels, een deel op rotsachtige grond, waar het geen wortel kon schieten, elders werd het zaad verstikt tussen door doornen en distels. Maar gelukkig viel er zaad in de goede grond en dat bracht vrucht voort 100/60/30voud. 
In vers 10 vragen de leerlingen waarom Jezus in gelijkenissen sprak. Alleen de leerlingen mogen de geheimen van het koninkrijk kennen. Want de toehoorders begrijpen het niet, ze zijn ziende blind en horende doof. Dan citeert Hij Jes.6.9-10. De toehoorders hebben hun hart verhard. De leerlingen zijn gelukkig, omdat zij geleerd hebben te horen en te zien. Een gave waar veel profeten naar hebben verlangd.

18. uitleg: Op de weg gezaaid zaad is ieder mens die het woord van het koninkrijk hoort, maar niet begrijpt, daar wordt het weggepikt door degene die het kwaad zelf is/ de boze (STV). Zij die zijn als zaad dat op de rotsachtige bodem valt nemen het woord dat zij horen met vreugde op, maar blijven oppervlakkig. Als zij beproefd worden houdt het geen stand. 
Zij die het horen, maar gefocust zijn op welvaart, zijn ook niet vruchtbaar.
Mensen die het woord horen en het begrijpen, en proberen ernaar te leven, kunnen vruchtbaar zijn 100/60/30voud.

Het Woord, dabar in het Hebreeuws, betekent altijd woorddaden. Jezus is daar een duidelijk voorbeeld van geweest. In deze gelijkenis/parabel van de zaaier legt hij zijn leerlingen uit waarom zij wel de uitleg mogen horen en de menigte niet. Motieven en opvattingen in de menigte, om Jezus achterna te lopen, waren zeer divers. In de loop van de eeuwen, zijn er bovendien vele opvattingen over de invullingen van geloof bijgekomen. 
Welke opvattingen mensen hebben, daarover bestaan ten opzichte van elkaar vaak vooroordelen. En dat niet alleen tussen christenen onderling, maar ook ten aanzien van andere geloven en religies. Hoe verschillend de interpretatie van bijbel woorden ook mag zijn. Als iemand zich christen noemt, zal dat uit haar/zijn daden moeten blijken. Geloven is meer dan rituelen, het vraagt een betrokkenheid bij de werkelijkheid van alle dag t.a.z.v. gerechtigheid, vrede en verdraagzaamheid. Dat is wat mensen horen, zien en beoordelen positief of negatief.

Zaad. Een goede hoorder kent de verschillende betekenissen van zaad in de joodse traditie. 
– Zaad. Vruchtbaarheid als zaad van dieren en mensen (Gen.). De zegen die zijn oorsprong heeft in Gods schepping.
– Nakomelingschap van de aartsvaders. De zegen die de aartsvaders ontvangen hebben als groeikracht van de schepping. Daarom is er de aanklacht betreffende het gebroed van de boosdoeners.
– Israël is het zuivere zaad, zoals God het heeft bedoeld (Jes. 6.13c). Tegenover het volk dat afdwaalt en het verderf bewerkstelligt.
– In het tweede /NT wordt zaad, in gelijkenissen, gebruikt voor het verborgen werk van God in Jezus en zijn volgelingen.
– De leerlingen moeten het werk van Jezus voortzetten, dan wordt het gezien als nakomelingschap. De gemeente als zaad in het verlengde van de Abraham en David. 
– De Tora blijft richtlijn. Matteus geeft voor het zijn als zaad, een aantal duidelijke aanwijzingen. (25.35-45).

  • Waar valt het zaad bij u 
  • Waar en hoe tracht uzelf in woorden en daden te zaaien.
  • Hoe tracht u als geloofsgemeenschap te zaaien in woord en daad.

Christen zijn is bewust zijn van een levenshouding, die geïnspireerd wordt door de joodse en christelijke tradities. Het is altijd de vraag, gezien de context van de lezingen hoe iedereen dat invult. In naam van het christendom zijn heel veel onchristelijke zaken verkocht en uitgevoerd, zowel in onderlinge zorg, als in oorlogen. Geweld lokt altijd weer geweld uit. Met niet alleen gevolgen voor de betreffende mensen lichamelijk, maar ook psychisch.
De wereld is een dorp geworden. Haat, tweedracht en geweld zijn voor de media interessanter dan liefde en zorg voor elkaar of voor onbekenden. Ieder mens heeft vele rollen in de context van het dagelijks leven, zowel privé, in kleine kring als in de geloofsgemeenschap.
Waar het omgaat is dat mensen proberen vanuit eigen gave en mogelijkheden zaad te zijn dat hopelijk vrucht draagt. In kleine dingen gaat het o.a. om liefde voor de naaste, verdraagzaamheid, een glimlach voor een onbekende, een luisterend oor, op het werk, in de vrije tijd en vrijwilligers werk.
Geloofsgemeenschappen hebben als groep intern een mogelijkheid elkaar te ondersteunen in het individuele werk, maar ook in het werk dat in leefomgeving en wereldwijd gedaan wordt. In de maatschappij hun inzet zichtbaar te maken. Zaad te zijn.
In het verleden waren er christelijke instellingen op elk maatschappelijk vlak. De regeringen hebben de verzuiling doorbroken door het subsidiestelsel. Nu worden allerlei zaken weer terug gedraaid. Het gaat niet alleen meer om werken van barmhartigheid vanuit eigen groepering. Individueel kunnen mensen aan een bepaald doel samenwerken. In een geloofsgemeenschap is het mogelijk samen te zoeken naar oorzaken die te maken hebben met problemen die men in de eigen context of samenleving tegenkomt. Van hier uit kan men contact zoeken met anderen buiten eigen kring. Samenwerking daar waar de (verborgen) maatschappelijke nood zich aandient, met andere instellingen of geloofsgemeenschappen is noodzakelijk. Als geloofsgemeenschap in deze crisis tijd is het bovendien belangrijk om elkaar te informeren over de Joodse wortels van Christendom en Islam. Indien dat contextueel mogelijk is het initiëren van dialoog of trialoog. Om een beter begrip te krijgen van elkaar in plaats van alleen een vooroordeel. Onbekend maakt onbemind

Vooroordelen kunnen haat zaaien dat tot een verkeerd beeldvorming leidt ten aanzien van bijv. Moslims of Joden en andere (minderheids)groepen. In iedere context zijn vele voorbeelden: - antisemitisme steekt weer overal de kop op. De uit de middeleeuwen stammende protocollen van Zion worden weer verspreid. In crisis tijden duiken deze vooroordelen over de Joden steeds weer op en zaaien verderf en ellende.
– Haat en pesten kunnen veel verderf zaaien, mensen en kinderen levenslang tekenen.
– Valse berichtgeving zoals nu in de hybride oorlogspropaganda tussen de Oekraïne en Rusland, de Toearegs in Mali.
– Verhalen over vermeende 'bedreiging' van werk door buitenlandse werknemers.
– Vluchtelingen problematiek, detentie van illegalen etc.

Verschillende mensen in een geloofsgemeenschap kunnen prioriteiten kiezen naar eigen interesse, gaven en mogelijkheden. Wie haat zaait, zal storm oogsten. Liefde, attentie, verdraagzaamheid en luisteren naar elkaar kan harten openen tot begrip, acceptatie.
Mensen wonen in Gods hof; daar ontvangen ze zaad om te zaaien, zodat de omgeving en de hele aarde vruchtbaar zouden kunnen worden. Dan zal de woestijn bloeien als een roos. (Ps 65).

Héleen Broekema (TW). 12.06.14